Amnesty hekelt wapenlevering aan Arabische regimes

De VS, Rusland en verschillende Europese landen, ook België, hebben de voorbije vijf jaar erg veel wapens geleverd aan regimes in Noord-Afrika en Midden-Oosten. Dat blijkt uit een onderzoek van Amnesty International. Voor ons land gaat het om leveringen aan Libië, Bahrein en Egypte. Maar de transacties hadden niet mogen doorgaan.

Mensenrechtenorganisatie Amnesty International heeft de wapenleveringen aan Arabische landen van de voorbije jaren onderzocht en publiceert de resultaten in een rapport.

Rusland, de VS en heel wat Europese landen hebben tot dit jaar grote hoeveelheden wapens geleverd aan dictaturen in Syrië, Jemen, Bahrein, Egypte en Libië.

Ons land gaf exportlicenties voor leveringen aan Bahrein, Libië en Egypte. Dat zijn drie landen waar de opstanden van het voorbije jaar gewelddadig werden onderdrukt. De gewesten zijn in ons land verantwoordelijk voor de exportlicenties. Voor Vlaanderen, Wallonië en Brussel gaat het om 20 miljoen euro aan kleine wapens en munitie.

Volgens internationale overeenkomsten hadden de wapens nooit geleverd mogen worden, want er was een reëel risico dat ze gebruikt zouden worden om mensen mee te folteren, burgers er willekeurig te onderdrukken en te doden. "De landen die wapens exporteren hebben er bewust voor gekozen om vergaande repressie te negeren", zegt Lore Van Welden van Amnesty. "De wapens zijn gebruikt om mensenrechtenschendingen te plegen."

Sinds de opstanden in verschillende Arabische landen wordt op internationaal niveau gewerkt aan maatregelen om de wapenleveringen strenger te regelen. "Maar voorlopig gaan de regels niet ver genoeg. En het kwaad is intussen al geschied", stelt Amnesty.