"Grote Gids" Khaddafi 42 jaar in het zadel

De Libische leider Moe'ammar Abu Minyar al-Khaddafi kwam in 1969 aan de macht na een militaire staatsgreep. Koning Idris I werd afgezet en kolonel Khaddafi kwam aan het hoofd te staan van de Revolutionaire Commandoraad. De Grote Gids was tot voor kort een van de langst regerende staatshoofden ter wereld.

Khaddafi stamt uit een familie van nomadische bedoeïnen. Hij studeert geschiedenis en maakt carrière in het Libische leger. In 1963 sluit hij zich aan bij de Vrije Officieren voor Eenheid en Socialisme, een groepering van antimonarchistische officieren die aanleunen bij de toenmalige Egyptische president Gamal Abdel Nasser. Pan-arabisme is het toverwoord.

Meteen na de militaire coup worden de westerse invloeden in Libië teruggedrongen. Khaddafi ontwikkelt gaandeweg een eigen politieke filosofie: het Arabisch socialisme of islamitisch socialisme. Zijn leer wordt in 1976 gebundeld in het Groene Boekje en probeert islam en socialisme met elkaar te verzoenen. Khaddafi voert de sharia of het islamitisch recht in, verbiedt alcohol, maar streeft ook naar een samenleving waar iedereen gelijk is.

In navolging van Nasser streeft de jonge Libische leider naar Arabische eenheid. In 1972 vormen Libië, Egypte en Syrië zelfs de "Federatie van Arabische Republieken", maar die blijft dode letter omdat er wrijvingen ontstaan over het leiderschap. In 1974 volgt er nog een kortstondige federatie tussen Libië en Tunesië, maar ook die unie is een kort leven beschoren.

Leider of terrorist?

In Libië was het leiderschap van Khaddafi tot voor kort onbetwist. De Leider van Revolutie zag het echter allemaal wat groter en keek ook over de grenzen van zijn land.

In de jaren 80 richt hij zijn blik naar het zuiden. Zo steunt hij pro-Libische militieleiders in Tsjaad en in 2000 zegt hij te streven naar een Sub-Sahara-federatie.

De Gids van de Revolutie engageert zich ook in de Palestijnse zaak. Zo steunt hij het Democratisch Volksfront voor de Bevrijding van Palestina van Georges Habash (links op foto), dat bij de strijd tegen de Israëlische bezetting niet te beroerd is om aanslagen te plegen. Volgens Khaddafi gaat het hier niet om een terroristische groep, maar om een bevrijdingsbeweging.

Een belangrijk deel van de internationale gemeenschap - de Verenigde Staten voorop - ziet dat anders. Khaddafi wordt in verband gebracht met aanslagen in onder meer Wenen, Rome en Berlijn. Hoewel daarvoor nooit spijkerharde bewijzen worden geleverd, vindt Washington het toch nodig om in 1986 "terroristische bases" in Tripoli en Benghazi te bombarderen. Er vallen 37 doden, onder wie een 15 maanden oud dochtertje van de Gids.

Eind 1988 ontploft een vliegtuig van Pan Am boven het Schotse plaatsje Lockerbie. Er zat een semtexbom verstopt in het bagageruim. 270 mensen komen om het leven, onder wie ook 11 inwoners van Lockerbie.

Al vlug kijken Washington en en Londen in de richting van Khaddafi. Heeft de Libische leider zich willen wreken voor de bombardementen van 1986? Twee agenten van de Libische geheime dienst worden opgepakt en een van hen wordt veroordeeld tot levenslang.

De Libische regering erkent haar verantwoordelijkheid en verklaart zich bereid om een schadevergoeding te betalen aan de slachtoffers van de aanslag.

Paria of partner?

Na Lockerbie is Khaddafi verworden tot de risee van het Westen. Maar dat lijkt de man niet echt te deren. Door de olie-inkomsten heeft de gemiddelde Libiër het materieel verre van slecht.

Ook op het internationale toneel blijft de Libische leider prominent aanwezig, vooral dan in het kader van de Organisatie van Afrikaanse Eenheid. Tripoli investeert ook in ontwikkelingshulp aan andere Afrikaanse landen.

In 2001 veroordeelt Khaddafi de aanslagen van 11 september. Na de val van het Iraakse regime van Saddam Hoessein geeft hij toe dat Libië bezig was met de ontwikkeling van massavernietigingswapens, maar zegt hij toe om dat programma stop te zetten.

De Gids van de Revolutie wordt stilaan meer salonfähig voor het Westen. Daarbij komt nog dat Libië beschikt over niet onaanzienlijke oliereserves, en dat weten ook heel wat westerse leiders. De Britse premier Tony Blair brengt in 2004 als eerste westerse regeringsleider een bezoek aan Tripoli. Veel anderen volgen en sluiten lucratieve contracten.

De buitenlandse gasten worden steevast ontvangen in een luxueuze bedoeïnentent. Khaddafi is en blijft een ongewoon en excentriek figuur, maar dat houdt de Sarkozy's en de Poetins van deze wereld niet tegen om met hem zaakjes te doen.

Maar het verleden steekt af en toe de kop op. Zo zet de vervroegde vrijlating wegens gezondheidsredenen van Abdel Baset Al-Megrahi, de veroordeelde dader van de aanslag in Lockerbie, en vooral diens triomfantelijke onthaal in Tripoli veel kwaad bloed.

De Grote Gids zat meer dan 41 jaar in het zadel, maar begin dit jaar sloeg het volksprotest uit Tunesië en Egypte over naar Libië. Het leger van Khaddafi leek de rebellen te onderdrukken, maar door tussenkomst van de NAVO keerden de kansen. In september viel de hoofdstad Tripoli en in oktober werd Khaddafi zelf gevat in zijn bastion Sirte.

Rik Arnoudt