Cassatie verwerpt beroep Michèle Martin

Het Hof van Cassatie heeft het cassatieberoep verworpen dat Michèle Martin had ingesteld tegen de beslissing van de Bergense strafuitvoerings- rechtbank om haar niet voorlopig vrij te laten.
Archieffoto: Michèle Martin tijdens het proces in 2004.

De strafuitvoeringsrechtbank had in mei beslist dat Michèle Martin vervroegd mocht vrijkomen op voorwaarde dat ze onderdak zou krijgen in een Frans klooster. Maar Frankrijk weigerde om de vrouw een plaats te geven in het gekozen klooster. De strafuitvoeringsrechtbank besliste daarop om Martin voorlopig niet vervroegd vrij te laten omdat een van de voorwaarden niet kon worden vervuld.

De advocaat van Martin, Thierry Moreau, haalde aan dat het niet aan zijn cliënte ligt dat ze niet naar het klooster kon. "De Belgische minister van Justitie (ontslagnemend minister Stefaan De Clerck (CD&V), red.) moet in alle discretie en via diplomatieke weg het vonnis uitvoeren", zegt advocaat Moreau. "Door alles in de media te smijten, heeft hij dat onmogelijk gemaakt." Vlak nadat het nieuws bekend was geraakt, zijn verschillende tv-ploegen naar het klooster getrokken waar Michèle Martin naartoe zou gaan (foto links).

De advocaat vond ook dat het niet kan dat de uitvoering van een rechterlijk vonnis afhangt van de goede wil van de persoon (in casu de minister van Justitie) die wettelijk verplicht is om het vonnis uit te voeren. "Aangezien het gaat om de hechtenis van iemand, gaat dat in tegen artikel 5 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens", stelde Moreau.

De advocaat argumenteerde ook dat de strafuitvoeringsrechtbank zich vergist heeft door te oordelen dat Michèle Martin geen stappen had ondernomen voor een nieuw reïntegratieplan. "Die stappen zijn er wel maar worden doorkruist door de weigering van de minister om haar penitentiaire verloven toe te kennen."

Het Hof heeft die argumentatie niet gevolgd en het cassatieberoep verworpen. In mei 2012 kan Martin opnieuw een aanvraag tot voorlopige invrijheidsstelling indienen.