GIFGAS : “Het doodde en verwondde verraderlijk, stil als een sluipmoordenaar, volstrekt willekeurig

De Eerste Wereldoorlog wordt ook wel de oorlog van de chemici genoemd: zij zijn het die gifgassen als nieuw wapen introduceren. Een wapen dat totaal anders is dan de gebruikelijke infanterie- en artilleriewapens. Het gebruik van gifgas is weliswaar niet nieuw in de wetenschappelijke zin van het woord, maar de vernieuwing is dat er een op grote schaal toegepast wapensysteem van gemaakt is.

Het Verdrag van Den Haag van 1899 verbiedt het gebruik van dodelijke gassen. Om de impasse op het westelijk front te doorbreken maakt het Duitse leger voor het eerst gebruik van gifgas en belandt WOI in de fase van de chemische oorlogsvoering.

De Tweede Slag bij Ieper begint met de Duitse gasaanval van 22 april 1915. De Duitsers laten in de loopgraven in Steenstrate 150 ton chloor ontsnappen, speciaal voor de gevechten in april 1915 op industriële wijze aangemaakt en verpakt in 6.000 cilinders. De wind drijft de chloor naar de vijandelijke linies waar de soldaten plots een geelgroene wolk zien die hun belet te ademen en hun longen verschroeit . Niemand is voorbereid op die eerste aanval en er is geen enkele vorm van bescherming.

 

De Duitse militair Willy Siebert die deel uitmaakt van de ‘Stinkpioniere’, spotnaam voor de gasploegen, over de eerste gasaanval:

Wat we zagen was de dood… niets leefde nog. Zelfs het ongedierte was uit de holen gekropen om te sterven. (…) Toen zagen we ook enkele Britten. Je kon goed zien waar de mannen aan hun gezicht en keel geklauwd hadden in een poging om toch wat te kunnen ademen. Sommigen hadden op zichzelf geschoten”.

Brancardier Karel De Schaepdrijver:

Door hun fameuze stinkgas was ik al halvelings verstikt geraakt en in gans de omtrek geen zierke water te vinden. Heb me godzijdank kunnen redden met op mijn neusdoek … te wateren”.

De Belgische legerleiding reageert bijzonder snel op de eerste gasaanval. In Veurne start een fabriekje met de productie van primitieve gasmaskers voor mens en dier.

 

Bij de Derde Slag om Ieper op 12 juli 1917 gebruiken de Duitsers het nog dodelijkere mosterdgas of yperiet. Mosterdgas is reukloos en slachtoffers merken er aanvankelijk niets van. Maar de uitwerking is verschrikkelijk: ademhalingsmoeilijkheden, verbrande longen, irritatie van de slijmvliezen, huidblaren en brandwonden, pijnlijke ogen en zelfs tijdelijke blindheid. Het nieuwe wapen doodt niet alleen soldaten, het veroorzaakt ook nog eens blinde paniek. Wie het ziet komen afdrijven, kan alleen op de vlucht slaan.

In de hele WOI sterven tienduizenden militairen aan de gevolgen van gas een pijnlijke, onmenselijke dood. Overlevenden van de gasaanvallen dragen er vaak levenslang de letsels van. Velen moesten met verzwakte luchtwegen, chronische bronchitis en slecht genezen brandwonden door het leven.

Meer info 
 

lees ook