Tienduizenden op straat tegen Silvio Berlusconi

In Italië hebben duizenden mensen betoogd tegen premier Silvio Berlusconi en zijn regering. De manifestatie was georganiseerd door de grootste oppositiepartij, de centrumlinkse Partido Democratico (PD).

De betogers hadden het vooral gemunt op het recente optreden van Berlusconi in Europa.  "Nooit eerder werd Italië zo bespot en dat laten we niet meer gebeuren. Maar dan moet Berlusconi wel eerst opstappen", zei PD-partijvoorzitter Pierluigi Bersani.

De demonstranten droegen spandoeken en plakkaten mee waarop ze het ontslag van Berlusconi eisten en de draak staken met de premier en zijn coalitiepartner Umberto Bossi van de Lega Nord (foto links).

Veel Italianen geloven niet meer in de beloften van de premier om de economische crisis aan te pakken. En dat Italië nu gecontroleerd gaat worden door het IMF en de Europese Commissie geeft aan dat men er in het buitenland weinig vertrouwen meer in heeft, is de algemene mening.

De menigte werd ook toegesproken door Sigmar Gabriel, voorzitter van de Duitse sociaaldemocratische SPD. Die beklemtoonde dat alle sociaaldemocratische krachten in Europa gezamenlijk de strijd moeten aangaan "voor de terugkeer van de democratie en tegen de heerschappij van de financiële markten".

In een reactie zegt premier Berlusconi dat hij er niet aan denkt om op te stappen "wegens zijn verantwoordelijkheden tegenover de kiezers en het land". "Degenen die dromen van mijn ontslag zijn nostalgici van de Eerste Republiek, toen een regering het gemiddeld elf maanden uithield", aldus de premier.

Tijdens de Eerste Republiek (1946 tot 1992) deelden afwisselend de christendemocraten  en de socialisten de lakens uit. Aan dat systeem kwam in 1992 een einde met het politiek-financiële schandaal Tangentopolis en het grootschalige gerechtelijke onderzoek Mani Pulite (schone handen).