Muziek verzacht de zeden

In Kinshasa gaat Katrien Vanderschoot naar een repetitie van het Orchestre Symphonique Kimbaguiste en ze spreekt er met madamme Georgette, een celliste.

Een paar maanden geleden mocht ik drie foto’s uitkiezen uit de catalogus van de World Press Photo. Mijn lievelingsfoto was die uit Kinshasa, de stad zonder kleur, zoals David Van Reybrouck haar beschrijft.

Een vrouw met felgroene jurk en dito hoofddoek zit cello te spelen op een groene plastic stoel achter een groen geschilderde schutting. Daarbuiten raast de kleurloze stad voort: stalletjes, stinkende auto’s, plassen en plastic zakken.

Die groene kleuren vallen me ook meteen op, wanneer ik in de vooravond de bewuste celliste en marktkraamster Josephine ga opzoeken tijdens de repetitie met haar Orchestre Symphonique Kimbanguiste.

De dirigent Armand Diangienda is een afstammeling van Simon Kimbangu, een profeet die in 1921 werd veroordeeld als sekteleider door een koloniale rechtbank en 30 jaar later stierf in de cel. Nu is het Kimbanguïsme een aanvaarde en sterk groeiende Christelijke Kerk, met in Afrika, Europa en Zuid-Amerika in 2005 al 15 miljoen gelovigen, een stijging met 10 miljoen op tien jaar tijd.

Het kerkgebouw in Ngiri-Ngiri heeft iets van een tempel, de pilaren in het voorgebouw zijn gedrapeerd met lichtgroene zijde, aan de zijkant staat een kleine kapel. Wanneer Papa Armand binnenkomt, springen de vrouwen en kinderen recht om voor hem te gaan knielen.

Op het binnenpleintje begint een violist zijn instrument te stemmen, wat verderop oefent een vrouw met een dwarsfluit. Het klinkt surrealistisch, want buiten de schutting, in die kleurloze stad, overstemmen de tetterende karavanen de klassieke melodietjes.

In het halfduister blijf ik wachten op Josephine. Veel orkestleden sijpelen te laat binnen, omdat er incidenten zijn in de naburige wijk Matete. Aanhangers van Kabila en Tshisekedi zouden slaags zijn geraakt, er zouden schoten zijn gelost door de politie.

Daarom is ook Josephine thuisgebleven, en dat zal ze al wel vaker hebben gedaan, want naar een avondrepetitie gaan met een instrument is hier in Kinshasa op zich al een waagstuk.

In een hoekje zit Madame Georgette, even slank van gezicht als de vrouw op de World Press Photo en ook een celliste. Over de nakende verkiezingen wil ze niets kwijt , maar wel over de vraag waarom ze in hemelsnaam klassieke muziek wil spelen in het land van de soukous en Congo pop.

“Een mens moet meegaan met zijn tijd”, zegt ze, “en de wetenschap gaat zo snel dat we veel moeten inhalen en muziek uit het westen leren spelen”… “Excuseert u me even? Ik moet papa Armand gaan begroeten.” Ze laat haar cello staan en schrijdt, het hoofd gebogen, naar de dikke man die uit zijn auto stapt.