Islamistische partijen aan de leiding in Egypte

In Egypte stevenen de islamistische partijen af op een overwinning bij de eerste verkiezingen sinds de val van president Hosni Moebarak. Volgens de overheid is 62 procent van de Egyptenaren gaan stemmen.
Betogers op het Tahrirplein.

De afgelopen weken is het protest op het Tahrirplein in de hoofdstad Caïro weer fel aangewakkerd uit onvrede met de trage politieke gang van zaken. Maandag is in Egypte een lang en ingewikkeld proces van parlementsverkiezingen begonnen. Dat moet begin januari leiden tot een nieuwe volksvertegenwoordiging, het eerste vrij verkozen parlement in meer dan 60 jaar.

De verkiezingscommissie heeft bekendgemaakt dat maandag en dinsdag 62 procent van de stemgerechtigde Egyptenaren is gaan kiezen. Dat is minder dan verwacht.

Officiële cijfers zijn er nog niet, maar polls en schattingen geven de Partij voor Vrijheid en Gerechtigheid (PVG) de overwinning. Dat is het politieke vehikel van de Moslimbroederschap, een gematigd islamistische partij die al decennia bestaat maar onder Moebarak altijd verboden was. De PVG zou 30 tot 40 procent van de stemmen halen.

Verrassender is dat de salafistische partij al-Nur al-Salafi ("het salafistische licht", red.) met zo'n 20 procent van de stemmen afstevent op een 2e plek. Nur is een veel radicalere islamitische partij die alcohol wil verbieden en vrouwen uit bestuurfuncties wil bannen. Noor wordt er ook van beschuldigd de haat tegen de koptische christenen in Egypte aan te wakkeren. In tegenstelling tot Nur heeft de PVG al meermaals benadrukt dat het nieuwe Egypte voor hen een "niet-religieuze en inclusieve" staat moet zijn.

Het Egyptische Blok, een bundeling van liberaal-democratische partijen, zou ook zo'n 20 procent van de stemmen krijgen en dus met Nur wedijveren voor de tweede plaats.