Vroegere Tsjechische president Václav Havel overleden

Václav Havel, eerst dissident toneelauteur, later president van Tsjechoslovakije, is op 75-jarige leeftijd overleden. Hij stierf aan de complicaties van een chronische longaandoening, een gevolg van zijn jarenlange verblijf in de gevangenis tijdens het communistische regime.

Václav Havel groeide op in een intellectueel en welgesteld milieu. Zijn familie was nauw betrokken bij het maatschappelijke en politieke leven van Tsjechoslovakije in de jaren voor de Tweede Wereldoorlog. Toen de communisten aan de macht kwamen, mocht Havel omwille van die familiebanden geen hogere studies doen. Maar zijn maatschappelijk engagement was toen al groot.

Na zijn verplichte legerdienst, ging Havel begin jaren 60 aan de slag in het theater. Eerst werkte hij er als technicus, later als dramaturg en theatermaker. Hij maakte naam als een van de drijvende krachten achter het “Theater op de Balustrade” (Divadlo na zábradlí). De stukken die ze maakten gaven een absurde kijk op de wereld. Daarmee wilden ze bij het publiek vragen oproepen. Ze wilden mensen bewust maken, hen confronteren met hun miserabele levens.

Wat Havel enorm boeide, was de taal zelf. “Wat mij interesseert” zegt Havel daarover, “is hoe je perfect logische en overtuigende argumenten kan gebruiken om totale nonsens te verdedigen.” Dat is wat de communistische machtshebbers deden. Ze namen stukjes zinnen die ze na elkaar plaatsten en keer op keer opnieuw gebruikten. Zo werd de manier van spreken soms belangrijker dan de boodschap zelf.

Onder de knoet

In augustus1968 vielen Russiche tanks Tsjechoslovakije binnen. Ze maakten abrupt een einde aan de Praagse Lente, de korte periode dat Tsjechoslovakije een gematigder koers ging varen onder Dubcek. Wat er volgde was een bewind dat repressiever was dan ooit.

In die periode ontpopte Havel zich tot rasecht dissident. Hij stond mee aan de wieg van de clandestiene uitgeverij Edice Expedice, die verboden boeken in kleine oplage drukte en verspreidde. Hij was ook een van de oprichters van de burgerrechtenbeweging Charta 77. Vanaf 1976 bracht Havel meer dan vijf jaar achter de tralies door. In de periodes dat hij op vrije voeten was, werd hij dag en nacht bewaakt door agenten van de Staatsveiligheid.

Laatste en eerste president

Toen in december 1989 het doek definitief viel over de communistische eenpartijstaat, werd Havel tot president verkozen. Hij zou de laatste president van Tsjechoslovakije worden, want het land hield in 1992 op te bestaan. Daarna werd hij de eerste president van Tsjechië. In 1998 werd hij verkozen voor een tweede ambtstermijn.

Havel bleef zich ook na zijn politieke carrière inzetten voor burgerrechten in landen met totalitaire regimes zoals Cuba en Birma.

Hij kampte al geruime tijd met gezondheidsproblemen. Het jarenlange verblijf in de gevangenis had hem opgezadeld met een chronische aandoening aan de luchtwegen. In 1996 onderging hij een operatie wegens longkanker. Havel overleed in Praag in zijn slaap, in het bijzijn van zijn vrouw Dagmara en enkele geestelijken.