Volkswagen en BMW boeken recordcijfers

Aan de vooravond van het 90e Autosalon van Brussel hebben enkele merken uitstekende verkoopcijfers bekendgemaakt. Het gaat vooral om de Duitse groepen Volkswagen en BMW.

Het Volkswagen-concern heeft het afgelopen jaar bijna 8,2 miljoen auto's verkocht. Dat is een stijging met 14 procent tegenover het jaar voordien. De grootste Europese autobouwer ziet daarmee zijn doel om tegen 2018 de grootste ter wereld te worden een stap naderbij komen. De VW-groep omvat de merken Volkswagen, Audi, Seat, Skoda, Bentley, Bugatti en Lamborghini.

De goede resultaten van het VW-concern zijn deels te verklaren door de uitstekende cijfers van Audi. Vorig jaar werden er 1.302.650 Audi's verkocht, een record en een vijfde meer dan in 2010. Van de Audi A1, het model dat exclusief wordt gebouwd in de Brusselse Audi-fabriek, zijn vorig jaar 118.200 exemplaren verkocht, vooral in Europa.

Ook de BMW-groep heeft het afgelopen jaar een recordaantal auto's verkocht. De verkoop van de drie merken BMW, Mini en Rolls-Royce is met 14,2 procent gestegen tot 1,67 miljoen auto's.

"Onze verkoopdoelstelling was om meer dan 1,6 miljoen voertuigen te verkopen, en die hebben we 'aanzienlijk overschreden'", zo verklaarde BMW-bestuurslid Ian Robertson. "De wereldwijde vraag naar onze modellen blijft onveranderd sterk."

Die goede cijfers zijn mee te danken aan een verkooprecord voor de luxewagen Rolls-Royce. Vorig jaar werden er 3.538 van verkocht, een stijging met 31 procent. De verkoop steeg met 47 procent op de Aziatische markt, maar ook met 30 procent op de thuismarkt Groot-Brittannië en met 17 procent in Noord-Amerika.

Volgens de fabrikant werd de verkoop vooral gestuwd door het nieuwe model Ghost, een kleinere wagen dan de beroemde Phantom. De Ghost is met een prijskaartje van 205.000 euro ook 80.000 euro goedkoper dan de Phantom.