Vrouwen ondervertegenwoordigd in tv-journaals

Uit een onderzoek van het Elektronisch Nieuwsarchief (ENA) van de Antwerpse en Leuvense universiteiten blijkt dat vrouwen sterk ondervertegenwoordigd zijn in de televisiejournaals op Eén en VTM. Slechts 22 procent van de spreektijd gaat naar vrouwen, terwijl de rest van de tijd wordt ingevuld door mannen. De VRT geeft toe dat het aantal vrouwen in de uitzendingen beter moet, maar belooft ook beterschap.

Uit onderzoek van 120.000 nieuwsitems die tussen januari 2003 en september 2011 uitgezonden werden, blijkt dat vrouwen slechts 22 procent van de spreektijd kregen in de televisiejournaals bij VRT en VTM. De rest wordt ingevuld door mannen.

Vrouwen krijgen gemiddeld ook minder spreektijd dan mannen. Voor vrouwen bedraagt de gemiddelde spreektijd 15 seconden, tegenover 19 seconden voor mannen. Bij "elitebronnen" - die vanwege van hun functie worden geïnterviewd - gaat 17 procent van de spreektijd naar vrouwen. Ook bij interviews met getuigen of personen in de straat domineren mannen met 57 procent van de spreektijd.

De enige uitzondering zijn getuigenissen van ouders en patiënten met 56 procent spreektijd voor vrouwen, en jonge politici, waar 87 procent van de spreektijd voor vrouwen is gereserveerd.

"Nog een lange weg te gaan"

De openbare omroep geeft toe dat de studie van het ENA "geen goede resultaten" bevat. Maar de VRT belooft beterschap. Het actieplan diversiteit zal op termijn vruchten afwerpen.

"De cijfers tonen aan dat vrouwen te weinig aan bod komen. Het is een vaststelling die we met de nieuwsdienst en de hele VRT al in 2010 hebben gedaan, al focussen we altijd op een verhoging van het aantal vrouwen in onze berichtgeving, niet de spreektijd. Het aantal vrouwen lag eind 2011 rond de dertig procent", zegt VRT-hoofdredacteur Wim Willems.

"De VRT heeft sind 2011 een Actieplan Diversiteit, dat er mee voor moet zorgen dat de verhouding tussen mannen en vrouwen in "Het journaal" evenwichtiger wordt. Concreet werken we nu al aan een uitgebreider en duidelijk "vrouwelijker" expertennetwerk. Maar we hebben nog een lange weg te gaan, dat beseffen we", besluit Wim Willems.