Zijn westerse journalisten in hinderlaag gelopen?

De westerse journalisten die gisteren in Syrië waren terechtgekomen in een granaataanval hebben de stad Homs verlaten. Vannacht zijn ze aangekomen in de hoofdstad Damascus. Het blijft intussen moeilijk uit te maken of de journalisten al dan niet in een hinderlaag zijn gelopen.

Gisteren kwam zeker één Franse journalist om bij een aanslag in de Syrische stad Homs. Dat gebeurde onder de ogen van de VRT-journalisten Rudi Vranckx en Jens Franssen en hun ploeg.

Onze collega's zijn gisteravond samen met de overblijvende 14 journalisten in een konvooi naar de hoofdstad Damascus gereden. Daar werden ze in de Franse ambassade opgewacht door de ambassadeurs van verschillende landen, onder wie de Belgische ambassadeur.

"De groep is intussen uiteengevallen", vertelde Jens Franssen vanochtend in "De ochtend". "Ik vermoed dat de meeste journalisten nu zullen terugkeren naar hun thuisbasis." Het is ook de bedoeling dat de VRT-ploeg naar huis komt.

Franssen heeft alvast een erg korte nacht achter de rug. "Ik heb vannacht vooral gedacht aan die vrouw die zo luid aan het roepen was en die duidelijk in shock was. Pas vannacht besefte ik dat het de vrouw van de overleden Franse journalist was."

Een hinderlaag?

De groep van 15 buitenlandse journalisten was in Syrië op uitnodiging van het regime. Maar volgens correspondent Jorn De Cock, die in Libanon is, is het moeilijk uit te maken of de westerse journalisten in een hinderlaag zijn gelopen.

De Cock: "Het lijkt er op het eerste gezicht op. Maar het is een moeilijke discussie. Een versie van het regime is dat de granaten zijn afgevuurd vanuit de opstandige wijken. De oppositie wijst er dan weer op dat er mortiergranaten zijn gebruikt en die hebben de opstandelingen in Homs niet."

De Verenigde Staten hebben intussen beslist om een deel van hun ambassadepersoneel uit Syrië terug te trekken. Ze doen dat uit veiligheidsoverwegingen.