Ethias laat FIRST-rekening doodbloeden

De verzekeringsmaatschappij Ethias bouwt zijn populaire FIRST-rekening versneld af. Wie nog geld stort op zijn rekening, krijgt daar geen rente meer op. Ook bij contractverlengingen wordt de rentevoet op 0 procent gezet.

De FIRST-rekening was een dikke vijf jaar geleden een populaire manier om te sparen, omdat er geen instapkosten waren en het beloofde rendement hoog was. Zo werd een basisrente van 2,8 procent gegarandeerd gedurende 8 jaar. Daarbovenop kreeg de klant nog een jaarlijkse variabele bonus. Op het hoogtepunt kon de spaarder op die manier op een rente van tegen de 6 procent rekenen. Op dit moment hebben zo'n 160.000 klanten van Ethias zo'n FIRST-rekening.

Maar door de bankencrisis kon Ethias die hoge rente niet meer garanderen. De laatste jaren bleef het beperkt tot de basisrente. De verzekeringsmaatschappij moest ook aankloppen bij de overheid. In ruil voor de 1,5 miljard euro steun verplichtte de Europese Commissie Ethias om de FIRST-rekeningen af te stoten tegen eind 2013.

Dat proces wordt nu versneld door geen rente meer te betalen op vers gestort geld. "En ook in die contracten waar er een termijn van 8 jaar geldt en er een nieuwe rente vastgelegd moet worden (zoals het in de kleine lettertjes staat, red.), brengen we de interestvoet op 0 procent", voegt Hans Verstraete van Ethias eraan toe.

Alternatief product of geld weghalen

Op het eerder gestorte geld wordt voor lopende contracten wel nog een rente uitgekeerd. Verstraete wijst er ook op dat het stopzetten van de rente enkel betrekking heeft op de klassieke FIRST-rekening. "Pensioensparen en andere fiscale producten vallen daar volledig buiten."

Wie aan het einde van zijn contract zit, kan zijn geld dus beter in iets anders investeren. Verstraete benadrukt dat Ethias zijn klanten niet in de kou laat staan en een alternatief heeft uitgewerkt met hun nieuwe partner, de verzekeringsgroep Integrale. "We gaan al onze verplichtingen nakomen."

Ethias wil het geld uit de FIRST-rekeningen uiteraard het liefst bij zich houden, maar "indien nodig hebben we genoeg geld om de klanten uit te betalen", zegt Verstraete in De Standaard.