Gewelddadige eerste verjaardag van protesten in Bahrein

Dag op dag 1 jaar na de eerste protesten in Bahrein zijn demonstranten en oproeppolitie opnieuw slaags geraakt in de hoofdstad van de eilandenstaat. Volgens ooggetuigen gebruiken veiligheidstroepen excessief geweld tegen de betogers.

Het is al sinds zondag opnieuw onrustig in Bahrein, toen een vreedzame – en toegelaten betoging – uit de hand liep. Er is een grote politie- en legermacht aanwezig in de hoofdstad Manamah. De wegen van en naar sjiitische dorpen zijn gesloten. Via een omweg proberen grote groepen demonstranten toch de hoofdstad te bereiken.

Tegenstanders van de regering willen oprukken naar het Parelplein, waar de opstand voor meer democratie dag op dag 1 jaar geleden begon. Dat plein is uitgegroeid tot een symbool voor de opstand. Het monument (kleine foto) dat het plein sierde, is in maart vorig jaar door het regime vernietigd in een poging om de actievoerders te ontmoedigen.

Volgens de belangrijkste sjiitische oppositiebeweging van het land zijn vandaag al tientallen mensen gearresteerd. Ooggetuigen melden dat de politie overdreven geweld gebruikt tegen de betogers. Vorige nacht heeft de oproerpolitie traangas gebruikt om de betogingen uit elkaar te breken. Sommige demonstranten hebben daarop geantwoord met stenen en molotovcocktails.

De overheid houdt de oppositie verantwoordelijk voor het uit de hand lopen van de betogingen. De oppositie zegt dat ze wel een dialoog wil met de overheid, maar dat de ministers enkel geïnteresseerd zijn in de schijn ophouden tegenover de internationale gemeenschap.

Noodtoestand en pantservoertuigenrel

In februari vorig jaar zijn de protesten in de kleine eilandenstaat in de Perzische Golf begonnen. Amper een kleine maand later riep de overheid de noodtoestand uit en werd hulp ingeroepen van Saudi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten. Dat heeft zelfs eventjes een klein relletje veroorzaakt in ons land toen bleek dat de Saudische pantservoertuigen (kleine foto), die gebruikt werden om de opstand neer te slaan, geassembleerd waren in het Hooglede, West-Vlaanderen.

Iran, het grootste sjiitische land in de regio, veroordeelde toen de aanwezigheid van Saudische troepen in Bahrein. De Iraanse regering noemde de interventie toen “onaanvaardbaar”. Bahrein reageerde door zijn ambassadeur uit Teheran terug te halen.

Toen in juni de noodtoestand in Bahrein opgeheven werd, waren al zo’n 3.000 mensen gearresteerd. Het leeuwendeel van hen heeft volgens mensenrechtenorganisaties via een geënsceneerd proces een levenslange gevangenisstraf gekregen. Er zijn ook verschillende betogers geëxecuteerd.

Hoewel de noodtoestand sinds juni is opgegeven, blijven straatgevechten tussen veiligheidsdiensten en demonstranten dagelijkse kost. Dat is vooral het geval in de sjiitische dorpen rond de hoofdstad.

De soennitische heersers hebben intussen al herhaaldelijk hervormingen aangekondigd om tegemoet te komen aan de eisen van overwegend Sjiitische demonstranten. Die vragen onder meer de inperking van de macht van de monarchie van koning Hamad.

Sinds het begin van de protesten zijn er in de kleine eilandenstaat al tientallen doden gevallen.