Hek lijkt van de dam na geflopte resolutie Syrië

De situatie in Syrië lijkt alleen maar uitzichtlozer te zijn geworden na de geflopte resolutie van de VN-Veiligheidsraad. Dat is de conclusie van Navi Pillay, commissaris voor de mensenrechten bij de Verenigde Naties. Het falen van de Veiligheidsraad heeft Syrië aangemoedigd om het volksprotest nog harder te onderdrukken, stelt ze.

Tien dagen geleden stelden Rusland en China hun veto tegen een resolutie van de VN-Veiligheidsraad die het geweld in Syrië veroordeelt. De tekst was te eenzijdig tegen de Syrische president Bashar Al-Assad gericht, was hun oordeel. Ook het geweld door de oppositie moest veroordeeld worden, vonden ze.

Het veto van de twee permanente leden van de Veiligheidsraad leidde ertoe dat Assad nog meer zijn gang kon gaan in eigen land, zegt VN-mensenrechtencommissaris Navi Pillay (eerste foto in tekst).

"Het falen van de Veiligheidsraad om een akkoord te vinden over een sterke gezamenlijke actie lijkt de Syrische regering te hebben aangemoedigd om een intensieve aanval te lanceren om zo het protest met verpletterend geweld neer te slaan", zei ze in een toespraak voor de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties.

Pillay is naar eigen zeggen vooral "ontsteld" door de "aanhoudende aanslag op Homs". "Volgens betrouwbare bronnen heeft het Syrische leger dichtbevolkte wijken in Homs met granaten bestookt. Dit lijkt op een lukrake aanval op burgerdoelwitten."

Kort na de toespraak van Pillay begon het Syrische regime overigens met een nieuwe aanval op Homs. De stad wordt nu al tien dagen op rij gebombardeerd.

De mensenrechtencommissaris vreest voor een burgeroorlog in Syrië: "Ik ben enorm verontrust dat de voortdurende wrede onderdrukking en het doelbewust opstoken van de sectarische spanningen de kiem zullen leggen voor een burgeroorlog."

Pillay wil ook dat het Syrische regime naar het Internationaal Strafhof wordt doorverwezen, omdat er volgens haar misdaden tegen de mensheid zijn gepleegd.