Brussel na 14 oktober een dynamische stad?

Brussel moet op de kar van de vernieuwing springen. Andere Europese steden hebben dat al lang begrepen en veranderen in sneltempo. In Brussel zijn de problemen gekend. Er worden oplossingen aangereikt, maar die zijn te beperkt en de uitvoering laat ellenlang op zich wachten. In verkiezingstijden worden vaak dure beloften gedaan. Kunnen ze waar worden gemaakt? Krijgt Brussel eindelijk de dynamiek die de stad verdient?

De gemeenteraadsverkiezingen van 14 oktober zijn een goed moment om eens de balans op te maken van hoe onze steden en gemeenten er voor staan. Voor Brussel valt die balans niet heel positief uit. Dat is jammer, want onze hoofdstad verdient beter.

De problemen in Brussel zijn bekend. De uitdagingen op vlak van mobiliteit, netheid, stedenbouw en grootstedelijk beleid zijn legio. Maar er wordt veel getalmd. Het lijkt wel alsof de kleinste openbare werken eeuwen moeten duren, waardoor je je afvraagt of grootschalige openbare werken überhaupt mogelijk zijn. De wil om te veranderen is vaak wel aanwezig, maar projecten worden in de koelkast gestopt, werven worden half afgewerkt achtergelaten.

Het Rogierplein wacht al jaren op een facelift en de glazen koepel die het plein zou sieren. De heraanleg van de Elsensesteenweg -op de Nieuwstraat na de drukste winkelstraat van de stad- staat al zeer lang op de agenda. Maar in de straat loop je nog steeds op aftandse, veel te smalle voetpaden, tussen fileschuivend verkeer waarin ook een overvolle bus 71 stilstaat.

Het Meiserplein (kleine foto) is nog steeds een urbanistieke ramp. Het Winston Churchillplein verkeert dan weer al jaren in een "voorlopige" situatie, met dalstenen om je nek te breken bij het overstappen van tram 7 op tram 3.

Men spreekt vaak over het potentieel dat Brussel heeft, maar daar lijkt het dan ook bij te blijven. Waar blijven die grote urbanistieke projecten die Brussel kunnen herdynamiseren? Waar blijft het Brusselse MAS? Waar blijft het nieuwe Zuidstation, dat een aantrekkelijke toegangspoort tot de stad is? De plannen van toparchitect Jean Nouvel die vorig jaar zijn voorgesteld, lijken alweer een stille dood gestorven. Nochtans zouden die de hele wijk mee dynamiseren.

Hoe zit het met de heraanleg van de kanaalzone? Het water als centraal element in de stad, het is al zo vaak als idee naar voor geschoven, maar al even vaak geblokkeerd. En hoe zit het met de heraanleg van de centrale lanen, die op dit moment het hart van de stad in twee snijden en het Beursplein en het De Brouckèreplein verhinderen om echte pleinen te zijn?

Het zijn slechts enkele voorbeelden van een groter en zeer nijpend probleem: het gebrek aan urbanistieke visie voor de stad. Dat gebrek is voor een groot deel toe te schrijven aan de versnippering van de bevoegdheden. Want uiteraard ligt de kanaalzone niet op het grondgebied van slechts 1 van de 19 Brusselse gemeenten. Uiteraard geldt dat ook niet voor de Zuidwijk. En uiteraard vergemakkelijkt het bestuurlijke kluwen de samenwerking met andere actoren zoals de MIVB en de NMBS niet.

De grote vernieuwing op komst?

Kunnen de gemeenteraadsverkiezingen van 14 oktober dan soelaas brengen in Brussel? Het mag verbazen, maar het antwoord is ten dele ja.

Ten eerste omdat een verandering van politieke machtshebbers wel degelijk een verschil kan maken. In verschillende Brusselse gemeenten zou het wel eens kunnen dat de lokale potentaten van hun troon worden gestoten door meer dynamische politici.

En ten tweede omdat de structuren dankzij de zesde staatshervorming veranderen. De 19 gemeenten worden een deel van hun blokkeringsmacht afgenomen en het Gewest ziet zich versterkt.

Zo bepaalt het akkoord dat het Gewest voortaan verantwoordelijk wordt voor de coördinatie van stedebouw, huisvesting en mobiliteit. De 19 gemeenten zien hun bevoegdheden inkrimpen en zullen projecten niet langer kunnen blokkeren. Een goed voorbeeld is het Gewestelijk Mobiliteitsplan. Dat plan zal voortaan, na overleg met de gemeenten, door het Gewest worden opgemaakt. De gemeenten zullen er nadien niet meer van kunnen afwijken. Het Gewest moet, na implementatie van het akkoord, een coherent mobiliteitsbeleid kunnen voeren.

Anderzijds krijgen de gemeenten de volle bevoegdheid over de netheid, waardoor ze de schuld niet meer kunnen afschuiven wanneer de straten er vies en vuil bij liggen. 1 actor bevoegd, dat moet zorgen voor efficiënt beleid.

Brusselakkoord niet zaligmakend

Bij het Brusselakkoord moet meteen ook een grote kanttekening worden geplaatst. Het akkoord is niet zaligmakend. De 19 gemeenten blijven bestaan, net als de 6 politiezones. Het beleid blijft dus versnipperd.

"De zesde staatshervorming is voor Brussel een stap in de goede richting, maar het is niet voldoende. Brussel wordt niet hervormd naar Antwerps model, met een centraal beleid en districten met weinig bevoegdheden", oordeelt politicoloog Dave Sinardet (Universiteit Antwerpen / Vrije Universiteit Brussel).

"In Brussel blijven er veel machtscentra bestaan. Het Gewest heeft niet de ambitie om een globale visie te hebben en een centrale rol te spelen. Dat verklaart waarom de gemeenten een sleutelrol blijven spelen."

Voortmaken met overdracht bevoegdheden

Maar ondanks die terechte kritiek kunnen de hervormingen wel degelijk een nieuwe dynamiek geven aan Brussel.

Als alles goed gaat, moet de overdracht van bevoegdheden rond zijn voor de verkiezingen. En daar knelt het schoentje voorlopig. Minister-president van het Brussels Gewest Charles Picqué (PS) talmt met de uitvoering. Dat zegt Brussels parlementslid Elke Roex (SP.A).

"Charles Picqué moet de kans aangrijpen om het akkoord door te voeren voordat de nieuwe colleges van burgemeesters en schepenen worden geïnstalleerd. Anders zullen we de kans missen dat er iets verandert en gaan er in de praktijk 6 jaar verloren", waarschuwt Roex. "Eens de nieuwe colleges er zijn en de bevoegdheden zijn toegewezen aan de schepenen, zullen zij deze bevoegdheden niet meer willen afgeven. De hervorming moet dus voordien gebeuren."

Of Brussel na 14 oktober de dynamiek krijgt die de stad verdient, valt te betwijfelen. Maar de staatshervorming zet alvast een stap in de juiste richting. En ondanks verre van perfecte structuren, kunnen lokale politici het verschil maken, als ze willen. Laat 14 oktober dus het begin van de vernieuwing zijn. Aux urnes, citoyens.

Nick Resmann

lees ook