“Liberalen laten zich gijzelen door de socialisten”

Hoe ver staan we nu, twee jaar na de val van de regering-Leterme II? Dat was het uitgangspunt van een debat met een reeks politieke kopstukken, gisteravond in de Vooruit in Gent. Een verslag, deel II: de sociaal-economische thema’s en de banken.

Midden in een economische crisis in een diepe politieke impasse verzeilen, op papier lijkt het geen goed idee. Toch is dat wat er gebeurd is. Twee jaar geleden viel de regering-Leterme. Waar staan we nu?

“In de huidige relanceplannen staan maatregelen die we vroeger niet rond zouden krijgen”, zegt Bruno Tobback (SP.A). “Wij steunen bijvoorbeeld ook de inperking van het brugpensioen, hoewel dat voor ons moeilijk ligt. Dit regeerakkoord maakt relance mogelijk. Nog meer snoeien zou het herstel dwarsbomen.”

“De sanering is het belangrijkste”, zegt Alexander De Croo (Open VLD). “We gaan naar een tekort van 2,8 procent, dat is in de Europese subtop. De rente op onze staatsschuld is gedaald van 7 procent in crisistijd naar zo’n 3 procent nu: dat is het teken dat we vertrouwen gewekt hebben.”

“Verschil met N-VA is dat Wilders pas later is gaan lopen”

“Alexander De Croo had groot gelijk dat hij de stekker er heeft uitgetrokken. Maar hervormingen zie ik niet”, zegt Siegfried Bracke (N-VA). “Nu durven de liberalen zelfs het woord “index” niet meer in de mond nemen. De liberalen laten zich gijzelen door de socialisten.”

“De crisis in Nederland bewijst het nog eens: als het wat te moeilijk wordt, valt met populistische partijen zoals de N-VA geen land te bezeilen”, reageert De Croo. Tobback valt hem bij. “Het verschil met Geert Wilders en de N-VA is dat Wilders pas later is gaan lopen.”

Uiteindelijk komt de discussie terug bij de index. “Maar met mijn partij in de regering zal daar niet aan geraakt worden”, zegt Bruno Tobback. “Anders raak je aan de koopkracht van de mensen die het vaak al niet breed hebben. Ik wil er ook op wijzen dat aan de top in Europa net de landen staan met een hoge belastingdruk en met hoge lonen."

Jean-Marie Dedecker (LDD) heeft een voorstel: “Waarom voeren we de indexering niet in op de nettolonen? Dat behoudt de koopkracht, maar het verlaagt wel de loonlasten voor de bedrijven.”

Wouter Van Besien (Groen) erkent dat de lasten op arbeid te hoog zijn. “Mensen die werken, dat is positief, dat moeten we niet zo zwaar belasten. Maar op het vlak van ecofiscaliteit, milieubelastingen, kan België nog erg veel doen.”

“Competitiviteit is ons grootste probleem, het ondergraaft ons sociaal model”, zegt Alexander De Croo. Hij maakt zich, net als Wouter Beke (CD&V) sterk dat er nog voor de zomer relancemaatregelen komen.

Bracke blijft erop hameren dat de loonkosten te hoog zijn. “De situatie is heel urgent”. Maar concrete maatregelen noemt Bracke niet. “Noem eens een stuk of 4 maatregelen”, daagt Hendrik Bogaert (CD&V) hem uit. “We moeten ons programma uitvoeren”, is het antwoord.

“Dit is een goed land voor wie niet werkt of voor wie rijk is”, zegt Bracke later. Hij pleit daarom voor een veel strengere aanpak van werklozen en zou zich kunnen vinden in een vermogenstaks.

Dexia: risico of strop?

De bankencrisis was het derde thema dat vanavond aan bod kwam. Peter Mertens (PVDA) mocht vijf minuten spreken ter inleiding van het debat zelf.

“Ik kom praten over een veel kleiner probleem dan BHV”, begon Mertens. “De banken zijn too big to fail en dat weten ze. Zo kunnen ze blijven doorgaan met ongeoorloofde speculaties en met bonussen. Ze weten dat de overheid hen toch komt redden.”

Anders dan bij het debat over de staatshervorming en over de sociaal-economische thema’s staan weinig politici te springen om het woord te nemen. De korte toespraak van Mertens maakte hen duidelijk ongemakkelijk.

In “Tijdbom Dexia” schrijft Bernhard Ardaen dat Dexia ons vanaf 2014 2 miljard per jaar kan kosten. “Dit is een moeilijk dossier”, erkent Hendrik Bogaert. “Als een bank een hefboomfonds is geworden en de overheid neemt dat over, dan krijg je ook de risico’s.” Bogaert hoopt dat de overheid voldoende waarborgen in handen heeft.

“Dexia is onder meer in de problemen gekomen door de meedogenloze aandeelhouders. En dat bleken niet de gehaaide kapitalisten, maar het middenveld”, haalt De Croo uit. Hij wijst daarmee naar de vakbonden. Ook Dedecker hekelt de rol van het ACW daarbij.

“De erfenis van Dexia zal op ons land wegen tot in 2072”, zegt Jean-Marie Dedecker. “Dexia is de financiële strop rond ons land”, zegt Van Besien. Tobback nuanceert. “Het is een risico en we moeten vermijden dat het strop wordt. Daarover staan in het regeerakkoord maatregelen.”

Wouter Carton