Gemeenten onder “hoogspanning”

De Vlaamse regering zal de beslissing over het traject van de nieuwe hoogspanningslijn tussen het West-Vlaamse Zeebrugge en het Oost-Vlaamse Zomergem mogelijk met een paar maanden uitstellen. Dat hebben de burgemeesters van de betrokken gemeenten vandaag vernomen.

Dat de 32 kilometer lange hoogspanningslijn van 380.000 Volt er komt, staat vast. De lijn is immers nodig om de energie van windmolens op zee aan land te brengen. Er heerst echter nog twijfel over de manier waarop de hoogspanningslijn zal lopen. De burgemeesters van de betrokken gemeenten willen dat de leiding zoveel mogelijk ondergronds loopt. “We hopen dat de beslissing genomen zal worden om de lijn zoveel mogelijk ondergronds te leggen, daar waar er zich woningen bevinden in Zomergem, Sint-Laureins, Eeklo, Maldegem, Damme, Brugge en Zeebrugge”, zegt burgemeester Johan De Roo van Maldegem.

Om hun wensen kracht bij te zetten, trokken enkele burgemeesters uit de betrokken gemeenten gisteren naar Brussel voor een ontmoeting met Vlaams minister van Mobiliteit Hilde Crevits en de kabinetsmedewerkers van Vlaams minister van Ruimtelijke Ordening Philippe Muyters en Vlaams minister van Volksgezondheid Jo Vandeurzen. “Wij hebben onze bezorgdheid geuit over de volksgezondheid wanneer de nieuwe hoogspanningslijn boven bestaande huizen wordt gebouwd”, vertelt De Roo.

Hoewel hij en de andere burgemeester het erover eens zijn dat de volksgezondheid moet primeren, hebben ze er weinig goede hoop op dat de hoogspanning over het hele traject ondergronds gebracht zal worden. De beslissing zal volgens hen immers ook gedragen worden door het kostenplaatje, en een ondergrondse lijn is peperduur. Terwijl een kilometer hoogspanning boven de grond 1,3 miljoen euro kost, loopt het kostenplaatje van een kilometer ondergrondse hoogspanning al gauw op tot 11 miljoen euro.
 

lees ook