Brieven van een gefrustreerde terroristenleider

In de Verenigde Staten zijn 17 documenten vrijgegeven die een jaar geleden gevonden zijn in het huis van Osama bin Laden in Pakistan. Uit de documenten blijkt dat Bin Laden het moeilijk had om de verschillende takken van Al Qaeda te controleren. De aanslagen op moslimbroeders zaten hem hoog.

Osama bin Laden werd op 2 mei 2011 gedood in zijn schuilplaats in Abbottabad in Pakistan. Dag op dag een jaar later heeft het US Military Academy's Combating Terrorism Center 17 documenten vrijgegeven die in het huis van Bin Laden zijn gevonden. Het gaat om een heel beperkt aantal documenten dat is vrijgegeven. In totaal nam het Amerikaanse leger er meer dan 6.000 in beslag.

De documenten dateren uit de periode september 2006 - april 2011. Uit de brieven blijkt dat de terroristenleider het steeds moeilijker had om de verschillende takken van Al Qaeda te controleren. Zo was hij ontevreden over de aanslagen op moslimbroeders die ze uitvoerden. Hij drong erop aan om het vizier vooral op de Verenigde Staten te richten.

Dat was onder andere het geval bij Al Qaeda op het Arabisch Schiereiland, dat het volgens Bin Laden te veel gemunt had op de Jemenitische overheid en veiligheidsdiensten. In een strenge brief spoorde hij de afdeling aan om vooral de VS aan te vallen.

Hetzelfde gold voor de Pakistaanse taliban, ook zij vielen te veel moslims aan. En ook Al Qaeda in Irak baarde Bin Laden zorgen. Bin Laden kreeg ook het advies om zich van de Iraakse afdeling te distantiëren, wegens de vele mislukkingen daar. Hij droeg de afdelingen ook op om geen eenmansoperaties meer uit te voeren, wegens te weinig kans op succes.

"Vertrouwen terugwinnen"

Bin Laden was ook bezorgd dat meer en meer moslims zich vervreemden van de jihad. In een brief uit 2010 schreef hij dat hij dat proces weer wilde omkeren. "Als Allah het wil, zullen we het vertrouwen terugwinnen van een groot deel dat niet meer in de jihad gelooft."

Uit de brieven blijkt ook dat de relatie tussen Al Qaeda en Iran gespannen was. Over mogelijke steun van Pakistan, waar Bin Laden de laatste negen jaar van zijn leven heeft gewoond, komt in de vrijgegeven documenten niets voor. Er blijkt wel uit dat Bin Laden zeer op zijn hoede was voor de Pakistaanse inlichtingendiensten.

Obama en Petraeus doelwit

Uit sommige documenten moet blijken dat Bin Laden zijn militanten ook voorstelde om uit te kijken naar mogelijkheden om de Amerikaanse president Barack Obama te doden tijdens een bezoek aan Afghanistan of Pakistan. Ook David Petraeus werd geviseerd. Petraeus stond destijds aan het bevel van de internationale troepen in Afghanistan. Vandaag is hij directeur van de CIA.

De Amerikaanse vicepresident Joe Biden mocht dan weer gespaard worden. Volgens Bin Laden was Biden niet voorbereid om Obama eventueel op te volgen en dus zou dat de VS in een crisis storten, zo redeneerde hij.