Steeds meer “zware” borelingen in Vlaanderen

In Vlaanderen neemt het aantal pasgeborenen dat meer dan 4 kilo weegt, toe. Dat blijkt uit een onderzoek van het ziekenhuis Oost-Limburg en Universiteit Hasselt. Maar ook het aantal pasgeborenen met een licht geboortegewicht stijgt.

Voor zijn analyse gebruikte professor Wilfried Gyselaers de gegevens van de voorbije 20 jaar, geregistreerd door het Studiecentrum voor Perinatale Epidemiologie. Daaruit blijkt dat er in 1991 minder dan 5.000 baby’s waren die meer dan 4 kilo wegen bij geboorte. In 2010 was dit al gestegen tot meer dan 6.000 baby’s, een stijging van meer dan 18 procent. Volgens internationale normen zijn baby’s vanaf 4 kilo “zwaar”.

Door de stijging van zware baby's, worden er ook steeds meer keizersnedes uitgevoerd.

Een van de oorzaken van het stijgende geboortegewicht is de lengte van de mens, die globaal genomen ook toeneemt. Daarnaast lijden steeds meer mensen aan obesitas, een aandoening die soms verbonden is met suikerziekte. Baby’s van moeders die zwaarlijvig zijn of lijden aan suikerziekte blijken vaak een te hoog geboortegewicht te hebben. Die borelingen hebben ook meer kans om later zelf zwaarlijvig te worden of suikerziekte te krijgen.

Maar uit de cijfers blijkt ook dat het aantal baby’s met een licht geboortegewicht - dat is minder dan 2,5 kilo - toeneemt. Al is dit met een stijging van ongeveer 3 procent minder uitgesproken dan bij de zware baby’s. Een van de redenen van die lichte stijging is de betere zorg voor prematuren, waardoor men zwangerschappen met complicaties in een vroeger stadium durft af te ronden.