Venizelos zoekt Griekse pro-EU-regering

In Griekenland heeft president Karolos Papoulias de socialistische leider Evangelos Venizelos belast met de vorming van een nieuwe regering. Na twee mislukte formatiepogingen is dat de laatste kans voor er nieuwe verkiezingen komen.

Het gaat snel in Griekenland, maar veel resultaat komt er niet uit de bus. Maandag had de conservatieve leider Antonis Samaras al een eerste kans gekregen als formateur, maar na een halve dag gooide hij de handdoek in de ring.

Als leider van de tweede partij was toen de uiterstlinkse Alexis Tsipras (links) aan de beurt. Hij probeerde een erg linkse regering te vormen die het besparingsplan afwees, maar ook hij moest gisteren in het zand bijten.

Nu is het dus de beurt aan Evangelos Venizelos (boven), de voorzitter van de socialistische Pasok-partij en in vorige regeringen de architect van het saneringsbeleid dat de internationale hulpplannen mogelijk maakte.

Ook nu wil Venizelos een pro-Europese regering op de been brengen die het hervormingsbeleid kan voortzetten en dat beperkt de keuze tot de conservatieven en de kleine pro-Europese fractie Democratisch Links. Die partijen samen hebben een meerderheid, maar ze moeten tot een akkoord kunnen komen.

Venizelos krijgt nu drie dagen de tijd. Als ook hij mislukt, komen er vrijwel zeker nieuwe verkiezingen, maar of die iets gaan oplossen, blijft de vraag.

Goed nieuws en slecht nieuws

Gisteravond kreeg Venizelos alvast een steuntje in de rug van Europa. Een beetje tegen de verwachtingen in heeft het Europese noodfonds EFSF gisteravond de volgende schijf van noodhulp voor Griekenland goedgekeurd.

Het ging om een schijf van 5,2 miljard euro. Als die uitbetaling was uitgesteld, zou Griekenland volgende week in geldnood zijn geraakt. Volgende maand beslist het Internationaal Muntfonds (IMF) over een nieuwe schijf van noodkredieten. Tegen dan wil het IMF wel een echte regering zien in Athene.

Er is ook slecht nieuws: vandaag bleek dat de werkloosheid in Griekenland in februari gestegen is van 21,3 naar 21,7%. Op een jaar tijd is het aantal werklozen met 42,3% gestegen tot ruim een miljoen. De helft van de jongeren zit zonder werk.