De truc van de bekende artiest op het podium

De Britse zanger Engelbert Humperdinck vertegenwoordigt het Verenigd Koninkrijk op het Songfestival in Azerbeidzjan. De meeste landen sturen nobele onbekenden naar het Songfestival, maar de Britten proberen het dit jaar met een interna- tionaal gevestigde waarde. Het is een truc die al meermaals werd toegepast, al dan niet met succes.

Engelbert Humperdinck is intussen 76 jaar maar treedt nog altijd op. De "Hump" is bekend van hits als "Release me", "The last waltz", "Spanish eyes", "A man without  love" en  "Quando, quando, quando". Hij is dus een oude rot in het vak én is een vertrouwd gezicht voor een internationaal publiek. Dat kan -in theorie- altijd stemmen opleveren.

Sinds de overwinning van Katrina & The Waves in 1997 ging het immers bergaf met de Britse kandidaten op de liedjeswedstrijd. Het land is een van de grootste sponsors van het Songfestival en heeft (met vijf overwinningen en talloze top 5-plaatsen) een reputatie hoog te houden.

Vorig jaar stuurde het Verenigd Koninkrijk nog de boysband Blue (foto) met het zelfgeschreven nummer "I can". De truc werkte echter niet. Blue stond dan wel wekenlang in de buitenlandse hitparades met "All rise" (2001) en het duet met Elton John "Sorry seems to be the hardest word" (2003), op het Songfestival in Duitsland eindigde de groep op een 11e plaats.

Ook Nicki French brak in 2000 met "Don't play that song again" ook geen potten, hoewel ze een van de favorieten was. De vrouw achter de up-tempocover van "Total eclipse of the heart" haalde de 16e plaats.

Al bekend en werden nog bekender

Met Cliff Richard had het Verenigd Koninkrijk dan wel meer succes. Voor hij in 1968 naar het Songfestival werd gestuurd, kenden de mensen hem al van "Living doll" en "Lucky lips" met zijn begeleidingsband The Shadows. Richard mocht bovendien een thuismatch spelen want het Songfestival vond plaats in Londen.

Het werd een uitermate spannende puntentelling waarbij het Verenigd Koninkrijk (2) nipt geklopt werd door Spanje (1). "La la la" van Massiel werd nadien zelden op de radio gedraaid, "Congratulations" van Cliff Richard was echter niet van de radio weg te denken. Vier jaar later mag Cliff Richard zelfs opnieuw aantreden op het Songfestival. Met "Power to all friends" werd hij 3e.

Wie uiteindelijk ook het Songfestival won, was Katrina & The Waves. De groep rond Katrina Leskanich kreeg in 1985 een Grammy voor beste nieuwe artiest nadat ze met "Walking on sunshine" een doorbraak forceerde. Nadien werd het stil rond Katrina & The Waves met uiteindelijk een "comeback" op het Songfestival van 1997.

"Love shine a light" kreeg maar liefst van tien landen de maximumscore van 12 punten en won met voorsprong de liedjeswedstrijd. Het nummer werd ook een commerciële voltreffer, maar de wegen van Katrina en haar Waves gingen wel uit elkaar. Leskanich probeerde in 2005 nog Zweden te vertegenwoordigen op het Songfestival. Maar ze raakte niet door de voorrondes.

Van "Ring ring" naar "Waterloo"

Bekende koppen in de Songfestivalarena gooien, is niet alleen een Brits fenomeen. Het bekendste voorbeeld is wellicht Zweeds. Toen ABBA nog optrad als gewoon Agnetha, Björn, Benny en Anni-Frid scoorden ze in 1973 een hit met "Ring ring" in Scandinavië, verschillende Europese landen en Zuid-Afrika. Met dat liedje namen ze ook deel aan het Melodifestivalen, zeg maar de Zweedse voorrondes voor het Songfestival. "Ring ring" haalde het niet, maar een jaar later lukte dat met "Waterloo" wel. De rest is geschiedenis.

Ook Italië zit niet verlegen om een populaire artiest te sturen. Umberto Tozzi brak in 1977 door met "Ti amo", twee jaar later gevolgd door de hit "Gloria". Daarna werd het even stil rond Tozzi (foto rechts) om in 1987 op het Songfestival in Brussel samen met Raf "Genti di mare" te brengen. Een eerste plaats zat er niet in voor het duo, maar het nummer werd -net zoals het winnende lied "Hold me now" van Johnny Logan- een klassieker. Idem voor Toto Cutugno die in 1983 de hitlijsten veroverde met "L'Italiano" (lasciatemi cantare). Zeven jaar later volgt een overwinning op het Songfestival met "Insieme: 1992".

Ook Frankrijk voerde wel eens een populaire artieste op. Van 2003 tot 2008 moest het land zich telkens tevreden stellen met een plaats ergens onderaan het scorebord (tussen de 18e en de 23e plaats). Met Patricia Kaas werd daar in 2009 in Moskou verandering in gebracht. Ze eindigde als 8e met "Et s'il fallait le faire". De aandacht was welkom want kaas was bezig aan een comeback. De zangeres had daarvoor haar strepen al verdiend met onder meer het album "Mademoiselle chante le blues" (1988). Kaas had ook een grote aanhang in Oost-Europa. Wat altijd van pas kan komen bij de puntentelling.