Ruim helft Vlaamse spoeddiensten onderbemand

Meer dan de helft van de spoeddiensten in de Vlaamse ziekenhuizen is onderbemand. Dat blijkt uit de inspectieverslagen van de Zorginspectie die De Standaard kon inkijken. Een aanpassing van de arbeidsduur en een dalende populariteit van de dienst zijn de voornaamste oorzaken.

De overheid moet dringend investeren in de spoeddiensten in de Vlaamse ziekenhuizen, zegt de beroepsvereniging van spoedartsen. Want de onderbemanning van de spoeddiensten wordt alsmaar erger, klinkt het. In 30 van de 56 Vlaamse ziekenhuizen zijn de spoeddiensten onderbemand, zo blijkt uit de verslagen van de Vlaamse Zorginspectie.

Volgens de beroepsvereniging zijn er drie oorzaken voor die onderbemanning. Zo blijkt dat anesthesisten, chirurgen en internisten steeds minder meedraaien op een spoedafdeling. Ten tweede is de arbeidsduur per week ingekort tot 48 uur.

Maar de beroepsvereniging merkt ook een dalende populariteit van de dienst. "Veel mensen die in opleiding zijn voor de disciplines op de spoed, schakelen tijdens hun opleiding over naar andere meer comfortabele disciplines", zegt Jan Stroobants van de beroepsvereniging.

Een bijkomend probleem is volgens Stroobants dat patiënten van de spoeddienst te traag doorstromen naar andere ziekenhuisafdelingen, omdat daar af en toe bedden te kort zijn.

Volgens het Syndicaat Vlaamse Huisartsen (SVH) gaan patiënten overigens veel te snel naar een spoeddienst. 70 procent van de patiënten die naar een ziekenhuis gaan, zou evengoed bij een huisarts geholpen kunnen worden, meent het syndicaat. Het SVH wil daarom dat de toegang tot de spoeddiensten beperkt wordt.