Vlaams Belangers willen imago "nuanceren"

Vlaams Belang speelt bij elke verkiezing fier de eigen naam uit. Maar deze keer kiezen nogal wat afdelingen voor een nieuwe strategie: ze zoeken een andere partijnaam, zoals Vernieuwing, Forza Ninove,… in de hoop eindelijk uit de oppositie te geraken.
Vlaams Belanger Bart Laeremans trekt in oktober met de lijst Vernieuwing naar de kiezer.

Verrassing in Grimbergen. Eind vorig jaar kondigde senator Bart Laeremans (foto) van Vlaams Belang aan de partijnaam te schrappen. Hij gaat naar de kiezer onder een andere vlag: Vernieuwing.

“Ik ben zeer ambitieus", vertelde hij de verzamelde pers. “Dat mag ook als je 1.000 stemmen meer haalt dan de burgemeester." Ondanks dat uitstekende electorale resultaat bij de vorige verkiezingen in 2006 moest Laeremans nog eens op de reservebank blijven zitten.

Zoals overal in Vlaanderen weigerden de andere partijen met Vlaams Belang samen te werken omdat die volgens hen aanzet tot onverdraagzaamheid.

Eigen naam schrappen

Laeremans is dat cordon sanitaire beu. Uit frustratie. Hij kreeg dan wel de titel van “meest populaire politicus” van Grimbergen, maar een schepenambt of de burgemeesterssjerp zag hij steeds aan zijn neus voorbij gaan.

Wat ben je met zoveel stemmen - meer dan de vorige en de huidige burgemeester - als je toch niets mag doen? Het doet pijn: “Ik wil Grimbergen mee besturen", zegt hij.

De naam Vlaams Belang is dus een blok aan het been. Een nieuwe naam kan dus helpen. Maar de kandidaten van Vlaams Belang blijven lid van de partij. Anderen kandidaten zijn welkom, liefst van de N-VA.

Niet de enige

Laeremans is niet de enige Vlaams Belanger die voor deze nieuwe strategie kiest. Het gebeurt ook in bijvoorbeeld Ninove met Forza Ninove, Dilbeek, ook Vernieuwing en Dilsen-Stokkem wordt Leefbaar Dilsen-Stokkem. Overpelt kiest voor Linda Vissers, het plaatselijk parlementslid, en Bree voor Veilig Bree en Leefbare Dorpen, met de afkorting VBLD volgens hen verwijzend naar Vlaams Belang en LDD.

Ook in Merelbeke zoekt de partij verruimers uit andere partijen, maar de naam verandert weinig: Vlaams Belang Plus. In Malle kiest de partij voor een kartel met Volksbelangen.

Sommige Vlaams Belangers maken een ander manoeuvre. Zij gaan op een kartellijst staan. In Boechout verkassen de twee verkozenen van Vlaams Belang naar de lijst Gemeentebelangen van de vroegere burgemeester, lid van Open VLD.

Breuk met verleden

Het doel is overal hetzelfde. Eindelijk het cordon sanitaire doorbreken. Zoals Laeremans willen ze de gemeente besturen. Maar ze blijven voorzichtig. Laeremans zegt niet hardop of hij burgemeester wil worden. “Daar spreek ik me nog niet over uit." De ambitie breed etaleren kan een averechts effect hebben.

Ook in Malle is de partij voorzichtig: “Ik sta zeker niet weigerachtig om een belangrijke functie te vertolken binnen de gemeente.”

Deze Vlaams Belangers breken met een oude strategie van de nationale partijleiding. Vlaams Belang gaat bij gemeenteraadsverkiezingen slechts node een kartel aan. De partij wil de eigen naam zo veel mogelijk uitspelen. “Dat is logisch”, zegt professor Kris Deschouwer van de VUB.

“De naam Vlaams Belang is een sterk merk. Meestal kiezen mensen in gemeenten voor persoonlijkheden die ze kennen. Maar een partij zoals Vlaams Belang moet het in kleine gemeenten dikwijls doen met onbekende figuren. De bekendheid van de partijnaam zorgt voor succes. De naam van de partij volstaat om stemmen te krijgen.”

Sterke naam is besmet

Toch dropt Laeremans die sterke merknaam. Hij vertrouwt er blijkbaar niet meer op daarmee kiezers te verleiden. Opmerkelijk want Laeremans is niet de eerste de beste. Hij is senator, trouwe partijsoldaat en hoort bij de harde kern van de partij.

Het lijkt alsof een topfiguur schrik heeft om een besmette partijnaam te gebruiken.

Laeremans ontkent. “Met schrik heeft dit niets te maken, want er zijn op heel wat plaatsen kandidaten die tegelijk ook op een provinciale Vlaams Belang-lijst zullen staan. De situatie is perfect vergelijkbaar met de talrijke politici die een nationale bekendheid hebben, maar lokaal met een open stadslijst of onder de vlag van gemeentebelangen opkomen”.

Oude strategie is mislukt

Sinds de laatste gemeenteraadsverkiezingen woedt er binnen Vlaams Belang een felle discussie over de strategie om toch in één of andere coalitie te raken en eindelijk bestuursverantwoordelijkheid te krijgen.

Dat conflict groeide uit tot een pijnlijke publieke ruzie met als spilfiguren de hardliner Filip Dewinter versus de ondertussen overleden en meer gematigde Marie-Rose Morel.

Bij de vorige gemeenteraadsverkiezingen bleek immers dat de harde lijn niet in haar doel geslaagd was. Het doel was om electoraal sterk genoeg te groeien om andere partijen te verplichten om toch samen te werken met Vlaams Belang. Met andere woorden: electoraal zo sterk zijn dat er geen coalitie mogelijk is zonder Vlaams Belang.

Het speerpunt in die strategie was Antwerpen, maar Patrick Janssens doorkruiste de hoop. In sommige gemeenten lukte het bijna, zoals in Borsbeek, Wommelgem of Wielsbeke.

De partij zat op de wip tussen twee grote blokken en hoopte dat die een aanbod zouden doen zodat die zelf de burgermeesterssjerp konden binnen halen. Maar telkens opnieuw werd dat afgeblokt, soms op het laatste nippertje dankzij onverwachte overlopers, zoals in Wielsbeke.

Imago "nuanceren"

Er hangt dus een negatief imago rond de partij en peilingen voorspellen weinig goed nieuws. Een nieuwe naam, een kartel of onafhankelijken op de lijst kunnen dat imago opfrissen.

In Malle zeggen ze hardop wat het doel is. De lokale afdeling lijkt het extreemrechtse imago dat aan de nationale partijleiding kleeft, weg te willen gommen.

"We willen dat beeld “nuanceren," zegt de lijsttrekker. “We leggen minder nadruk op ‘vervreemding’ en meer op mobiliteit, armoedebestrijding en woonbeleid.”

Als bijkomend statement kan het tellen: Malle pakt uit met de “eerste gekleurde lijsttrekker op een lijst van Vlaams Belang”.

Ook in Overpelt zijn ze duidelijk. De naam moest veranderen, legt lijstrekster Vissers uit, omdat “we een naam wilden die niet verwijst naar een nationale partij”.

Naast de nieuwe naam zet Laeremans zich klaar om nog meer stappen te nemen die het stigma van Vlaams Belang feitelijk van zich afschudden. Als hij burgemeester kan worden, neemt hij ontslag uit de Senaat.

Laeremans geeft als reden:  “Het burgemeesterschap is een voltijdse job."

Weinig kans

Toch ziet het er niet naar uit dat deze nieuwe strategie veel succes zal boeken. De andere partijen zijn tot nu toe duidelijk. Hun officiële belofte – wij werken niet samen met Vlaams Belang – blijft overeind.

Partijleden die toch samenwerken met Vlaams Belang worden aan de deur gezet. Binnen Open VLD loopt een procedure voor Boechout. LDD ontsloeg deze week haar voorzitter in Merelbeke. Zo'n samenwerking wordt ook publiekelijk afgekeurd.

De pogingen van Vlaams Belangers om zich acceptabel te maken, stoten dus op argwaan en weinig succes. In Wielsbeke zegt de burgemeester: "Het lijkt een strategische zet om deze keer niet opnieuw uitgestoten te worden. Het extreemrechtse geurtje is weg."

Erik Wijnen

lees ook