G20 over "grootste economische risico"

In de Mexicaanse stad Los Cabos is de top van de G20, de belangrijkste industrielanden, begonnen. Naast de eurocrisis staan er ook de problemen van de andere economische grootmachten op de agenda.

EU-Commissievoorzitter Jose Manuel Barroso (kleine foto) zei vooraf op een persconferentie dat hij niet gekomen was "om lessen te krijgen", te meer omdat niet alle deelnemers aan de top democratische landen zijn.

EU-president Herman Van Rompuy was iets voorzichtiger en wees op de economische problemen van de andere grote landen. Naast de schuldencrisis in Europa is er ook een dalende groei in de Verenigde Staten en in China.

Hoe dan ook willen de andere landen van de G20 nu eens weten hoe en wanneer Europa denkt om de schuldencrisis aan te pakken.José Angel Gurria, de voorzitter van de economische denktank OESO, noemt de eurocrisis "het grootste risico voor de wereldeconomie".

In veel landen is er ongerustheid omdat de EU-leiders er al twee jaar niet in slagen om die crisis effectief aan te pakken. Zij vrezen dat de problemen van de euro zullen leiden tot een wereldwijde economische recessie. Daarom wil de G20 ook tot een pact komen voor meer groei.

Reserves IMF stijgen tot 456 miljard dolar

Topvrouw Christine Lagarde heeft op de top aangekondigd dat de beloofde reserves voor het Internationaal Muntfonds (IMF) gestegen zijn tot 456 miljard dollar.

Dat zou de uitleencapaciteit van het IMF verdubbelen. Het IMF wil een sterke buffer aanleggen tegen een mogelijke wereldwijde economische crisis. Zo is de organisatie betrokken bij de hulpplannen voor Griekenland, Ierland en Portugal, maar is die ook elders in de wereld actief.

De eurozone belooft 150 miljard dollar tegenover 60 miljard voor Japan en 43 miljard voor China. Groeilanden zoals Brazilië, India, Rusland en China willen meer bijdragen, maar vragen in ruil ook meer stemrecht binnen de organisatie die volgens hen vooral door westerse landen wordt gedomineerd.

G20 beheert de wereldeconomie

De G20 bestaat uit de belangrijkste landen voor de wereldeconomie, maar houdt zich ook bezig met politieke problemen zoals veiligheid. De groep werd in 1999 opgericht als verlengde van de G7, maar is pas echt van belang sinds 2009.

De groep omvat de Verenigde Staten, de Europese Unie, Groot-Brittannië, Duitsland, Frankrijk, Italië, Japan, Zuid-Korea, China, Brazilië, Argentinië, Australië, Canada, Indonesië, Rusland, India, Mexico, Turkije, Saudi-Arabië en Zuid-Afrika.

Samen vertegenwoordigen die 90% van het bbp van de wereld, 80% van de wereldhandel en twee derde van de wereldbevolking. Opvallend is dat sommige Europese landen dubbel vertegenwoordigd zijn terwijl belangrijke economieën zoals Zwitserland, Noorwegen en Taiwan er niet bij zijn.