La Petite Bande verbijsterd, Het Gevolg gelukkig

Theatergezelschap Het Gevolg en het Internationaal Filmfestival van Vlaanderen zijn gelukkig dat ze toch subsidies krijgen. Ignace Cornelissen, artistiek leider van Het Gevolg, prijst minister van Cultuur Joke Schauvliege (CD&V) voor de meer middelen.
La Petite Bande

Vlaanderen heeft de meerjarige subsidiepot voor 2013-2016 opgetrokken van 87 miljoen euro naar 94,5 miljoen euro. "Dat is de verdienste van Schauvliege", zegt Cornelissen. Maar hij maakt wel de bemerking dat de versnippering een probleem blijft. "Organisaties die met een kleine portefuille een structurele werking overeind moeten houden, dat werkt niet", meent Cornelissen. Hij vraagt dat er bij de aanpassing van het Kunstendecreet ook gestreefd wordt naar een onafhankelijker beoordelingscommissie.

Jacques Dubrulle ziet voor het Internationaal Filmfestival van Vlaanderen zijn subsidies verhoogd worden, van 595.000 euro naar 700.000 euro. "We hadden er een zeker vertrouwen in, want we hadden een sterk dossier", zegt hij.

Het barokorkest La Petite Bande echter krijgt geen subsidies meer. Sigiswald Kuijken reageert verbijsterd: "Het is zeker niet mijn bedoeling om van de daken "schandaal" te roepen, wij hebben ons in deze subsidiestrijd met veel waardigheid verdedigd. Verder vind ik geen woorden voor deze beslissing, en begrijp ik de positie van de commissie niet. Wij zullen nu bekijken hoe we de zaken kunnen aanpakken."

"Globaal genomen tevreden"

Vlaams parlementslid Philippe De Coene (SP.A), voorzitter van de commissie Cultuur in het Vlaams Parlement, is "globaal genomen tevreden" met de beslissing rond de meerjarige subsidies. "Er waren organisaties die steun dreigden te verliezen ondanks een positief advies. Die onrechtvaardigheid is weggewerkt", vindt De Coene.

Daarnaast is het volgens De Coene goed dat een aantal organisaties "het voordeel van de twijfel" heeft gekregen ondanks gedeeltelijk negatieve adviezen. "Het gaat om organisaties die een gedeeltelijk negatief advies hadden gekregen maar waarbij de adviezen zelf onder vuur kwamen te liggen", legt De Coene uit. Daarmee verwijst hij onder meer naar Beaufort, Dranouter en het Filmfestival van Oostende.