Welke richting wil Moslimbroederschap uit met Egypte?

De Moslimbroederschap was aanvankelijk afwezig op het Tahrirplein, symbool voor de Egyptische Revolutie. Maar nu Mohamed Mursi president is, is de groepering de winnaar van die revolutie. De Moslimbroederschap heeft een lange geschiedenis en ook vele gezichten.

Bij elke omwenteling in Egypte komt opnieuw de Moslimbroederschap in beeld. Die islamitische beweging werd in 1928 opgericht door de leraar Hassan al-Banna (links) en is uitgegroeid tot de oudste en meest verspreide moslimbeweging in de Arabische wereld.

De moslimbroeders of Ikhwan al-Muslimin vinden hun oorsprong in het verzet tegen het Britse kolonialisme in Egypte en tegen de Westerse invloed op de maatschappij.

In de plaats stelt de groep dat de Koran en de islamitische traditie terug de pilaar zouden moeten worden van het gezin, de maatschappij en de staat. Op lange termijn streeft de Ikhwan naar een hereniging van de Arabische staten onder een kalifaat, zoals in de eeuwen na de profeet Mohammed.

In de eerste decennia van de 20e eeuw was de broederschap betrokken bij aanslagen tegen Britse doelwitten en in '52 steunde ze de staatsgreep die de nationalisten Naguib en Nasser aan de macht bracht. 

De broeders raakten spoedig slaags met het regime van Nasser en werden verboden en onderdrukt. Toch zijn ze sindsdien uitgegroeid tot een van de belangrijkste oppositiegroepen in Egypte, ook tegen Nassers opvolgers Sadat en Moebarak. Sinds de jaren 40 heeft de Broederschap ook takken opgezet in de meeste andere Arabische landen.

Geweld of democratie?

De Broederschap dankt veel van haar groei vooral aan allerlei sociaal werk inzake scholing, medische zorgen, armenzorg tot sportclubs. Dat brengt populariteit en aanhang, vooral bij de armere bevolkingsgroepen. Tegelijk bieden die clubs een platform om de ideologie te verspreiden.

De radicale moslimhouding kan evenwel verschillen van land tot land al naargelang de omstandigheden. In Egypte ging de Broederschap rechtstreekse confrontaties met het regime veelal uit de weg, al waren er terroristische afsplitsingen zoals Gamaa al-Islamiyya en Jihad Islami, die vooral in de jaren 80 en 90 actief waren.

Meestal mikten de Moslimbroeders evenwel op hun populariteit bij de volksmassa en gaven ze indirecte steun aan "onafhankelijke" parlementsleden, wat door het regime-Moebarak getolereerd werd. Na de val van Moebarak kon de Broederschap evenwel een eigen partij oprichten, de Partij voor Vrijheid en Rechtvaardigheid (FJP), die het in de peilingen vrij goed doet. 

In andere landen gingen filialen van de Ikhwan wel sneller over tot geweld. Een opstand in de Syrische stad Hama werd in '82 bloedig onderdrukt door bombardementen van het Syrische leger. De Ikhwan lagen ook aan de basis van Hamas in de Palestijnse gebieden. In Jordanië werken de broeders dan weer liever via het stemhokje.

De Broederschap ligt overigens overhoop met het terreurnetwerk Al Qaeda en heeft de aanslagen 9/11 in New York en Washington veroordeeld. Ook de relatie van de Broederschap met het extreme wahhabitische regime in Saudi-Arabië is niet erg hartelijk.

Welke rol in Egypte?

Net zoals in Tunesië bleken de moslimgroepen in Egypte aanvankelijk afwezig bij het uitbreken van het protest. Dat ging vooral uit van jongeren of van de middenklasse, die via internet verbonden is met de rest van de wereld en die meer -en niet minder-vrijheid willen.

Maar zestien maanden later, na de val van Moebarak, is Mohamed Mursi van de moslimbroeders tot president van Egypte verkozen. De revolutie is daarmee als het ware gekaapt door de Moslimbroederschap. Al betekent dat niet dat die Egypte nu op het strakke islamistische pad zullen zetten. Bovendien zal Mursi moeten worstelen met de almacht van het leger, dat zijn bevoegdheden al fel heeft ingeperkt. In de uitkomst van die worsteling ligt wellicht het antwoord op de vraag welke toekomst Egypte krijgt.

Jos De Greef