Oude politieke garde herneemt macht in Mexico

In Mexico zijn de presidentsverkiezingen uitgedraaid op een overwinning voor de oude politieke klasse. Oppositiekandidaat Enrique Peña Nieto (PRI) haalt bijna 40 procent van de stemmen, ruim 5 procent meer dan zijn tegenstrevers. De autoritaire PRI die de afgelopen eeuw meer dan 70 jaar aan de macht was, komt zo opnieuw aan zet.

Peña Nieto behaalt 37,93 procent van de stemmen. Hij volgt daarmee zo goed als zeker de huidige president Felipe Calderon op die niet meer herverkiesbaar was. De 45-jarige gouverneur van de staat Mexico was door de partij naar voren geschoven als nieuw gezicht dat komaf moest maken met het donkere imago van de PRI. Die partij komt nu na 12 jaar oppositie opnieuw aan de macht.

De Mexicaanse verkiezingen werden beheerst door economische thema's en de strijd tegen drugs. Peña Nieto bouwde in zijn eigen staat een reputatie op door te investeren in openbare werken en infrastructuur. Hij beschouwt de strijd tegen de armoede als zijn belangrijkste uitdaging. Bijna de helft van de Mexicanen heeft te lijden onder schrijnende armoede. Maar tegenstanders wijzen erop dat Peña Nieto vooral gemaakt is door de media en meer bepaald de grootste privézender Televisa. Die zou de peilingen systematisch vervalst hebben in het voordeel van Peña Nieto zodat de Mexicanen er zich op de duur bij zouden neerleggen.

Samen met de president werden ook een nieuw parlement, een burgemeester voor Mexico-Stad en enkele senatoren verkozen. De verkiezingen verliepen onder zwaar toezicht van politie en leger, zij moesten erop toezien dat de zowat 80 miljoen stemgerechtigden vrij en zonder intimidatie van de drugskartels hun stem konden uitbrengen. Sinds 2006 zijn al meer dan 55.000 mensen omgekomen bij drugsgerelateerd geweld in Mexico.