Olie-industrie nekt vissers in Rio de Janeiro

De sterk groeiende olie-industrie in de buurt van de Braziliaanse miljoenenstad Rio de Janeiro is funest voor de lokale visserij. De visvangst in de Baai van Guanabara is gedecimeerd na zware olieverontreiniging en vissers die protesteren, worden bedreigd of "verdwijnen".

Voor de kust van de deelstaat Rio de Janeiro ligt een belangrijk oliewinningsgebied, met tal van boorplatformen. Wie olie-industrie zegt in Brazilië, zegt Petrobras. Dit staatsbedrijf is uitgegroeid tot een belangrijke economische speler, dat vorig jaar 23 grootste bedrijven ter wereld hoorde.

De haven van Rio de Janeiro, aan de Baai van Guanabara, is erg belangrijk voor de olie-export. Steeds meer olietankers meren er aan en door de baai lopen er zestien oliepijpleidingen. Die pijpleidingen beïnvloeden niet alleen de temperatuur van het water, maar vormen ook een milieurisico. Na een lek in 2000 raakte een groot deel van de baai zwaar verontreinigd.

De belangenvereniging Associação Homens do Mar da Baía de Guanabara (Ahomar) voert al sinds 2009 actie tegen de olie-industrie, maar stuit op een gevaarlijke tegenstander. Verschillende vissers die lid zijn van Ahomar werden al beschoten, onder wie ook de voorzitter. “Het aantal verboden zones voor visvangst neemt toe en de privébewakingsdiensten hebben al verschillende keren geschoten op vissers die in de buurt kwamen”, legt voorzitter Anderson de Souza uit.

Vijf weken geleden zijn de lichamen van twee vissers teruggevonden in het water. Hun handen en voeten waren vastgebonden, wat erop wijst dat ze waren vermoord. Wie achter moorden zit, blijft onduidelijk. Het gerecht voert momenteel een onderzoek, maar of dat ooit iets zal opleveren, is verre van zeker.