De vis bijt niet in Kortrijk

COLUMN - Nu het erom begint te spannen, doen steeds meer kandidaten en partijen een beroep op de Rijdende Helpdesk van Van Dievel Consulting. Om problemen op te lossen, of te creëren… Vandaag is Kortrijk aan de beurt.

"Van Dievel, wilt ge direct naar Kortrijk komen…please?" Ik overdrijf niet als ik de stem van Vincent van Q als "paniekerig" en "smekend" omschrijf. Een mens zou voor minder van zijn melk zijn na de peiling over Kortrijk, uitgevoerd in opdracht van de VRT en van een andere kwaliteitskrant dan gewoonlijk, namelijk Het Laatste Nieuws. Eigenlijk had ik een werkafspraak in Riemst, waar ooit het wiegje van Jan Peumans stond (al is hij eigenlijk in het buitenland geboren, in Maastricht), maar dat dorpje loopt niet weg, zal ik maar zeggen.

"Om tien uur sta ik aan uw deur", beloofde ik. "Moet ik mijn visgerief meebrengen?", wilde ik eraan toevoegen, maar een mens moet niet onnodig zout in de wonde van een evennaaste strooien, zeg ik altijd maar.

Nog maar net had ik mijn afspraak in Riemst op de Griekse kalender laten zetten, of Stefaan De Clerck belde. "Lowie, ik zou nog een omstreden standpunt in willen nemen deze week, kwestie van de N-VA het gras voor de voeten weg te maaien, kunt ge naar Kortrijk komen om daarover te breinstormen? À propos: Steven Vanackere een marxist noemen was werkelijk een geniale stunt!" Hoho, dacht ik bij mezelf, dat is makkelijk verdiend. "Om klokslag 12 uur meld ik mij aan op het stadhuis, heer De Clerck", beloofde ik hem.

De vis vort eerst aan de kop

In het lokale hoofdkwartier van Open VLD rook het naar vis, naar niet al te verse vis zelfs. Nu ja, de waarheid gebiedt mij te zeggen dat het carrément naar vis stonk, wat de liberale campagnevoerders poogden te maskeren met grote spuitbussen deodorant en overmatig gebruik van zwoele parfums. De combinatie van al die geuren was letterlijk adembenemend.

De Quick kwam uit zijn bureau met een wasknijper op de neus. Net wilde ik hem vragen wat er in hemelsnaam aan de hand was, toen een mistevreden hobbyvisser een emmer dode vis uitpletste op de vloer, met een schepnet opgevist uit de Leie, voegde hij er kwaad aan toe.

De lichtgroene slogan van Quick en Co - dat er weer vis in de Leie zit - begon zich tegen zijn campagne te keren, zoveel was duidelijk. "Precies of het is mijn schuld dat er massale vissterfte is", mopperde de vicepremier.

"U maakt de mensen bang"

"Maar", kwam hij terzake, "het kan toch niet aan die vis alleen liggen dat wij nog maar de derde partij van Kortrijk zijn en dat ik mijn burgemeesterambities misschien zal moeten euh bijstellen. Allez, we zijn hier in het Dallas van West-Vlaanderen en de mensen stemmen liever op een wollige tsjeef dan op een vinnige liberaal." Waarna hij aanstalten maakte om alle 100 programmapunten te debiteren die hij met Open VLD wenste te realiseren.

"Ho! Rustig! Niet meer dan 200 woorden per minuut", probeerde ik hem te kalmeren. Er ging mij een licht op. "En doet u dat bij alle huisbezoeken zo, uw 100 puntenprogramma afraffelen zonder één keer adem te halen?" "Ja", bevestigde de lijsttrekker trots, "ik heb daar hard op getraind."

"Laat dat dan voortaan", wees ik hem terecht, "u maakt de mensen bang. De kiezers willen een handdruk en een flauw grapje en een folder met weinig tekst en veel foto’s, al de rest is verloren moeite bij zo’n huisbezoek." De Quick trok een pruillip. "En stop ermee te beloven dat u de federale regering met plezier zult verlaten als u burgemeester van Kortrijk kunt worden. De ene kiezer zal u niet geloven, de andere zal u van vaandelvlucht verdenken. En laat die affiche met die kabeljauw overplakken door het ontwerp dat ik heb meegebracht. U zult merken dat uw populariteit met een ruk de hoogte in zal gaan."

Een “slagske onder de gordel”

"Ge ruikt naar vis, Lowie", merkte burgemeester Stefaan De Clerck op toen ik zijn kabinet betrad, "zijt ge in de Leie gaan zwemmen?" Ik besloot de opmerking te negeren en tot de orde van de dag over te gaan, wat moeilijk was omdat ik het spreken probeerde te combineren met het inhouden van mijn eigen adem, teneinde aan de vieze vislucht te ontsnappen.

"Hebt u de peiling van de VRT en HLN grondig bestudeerd, heer De Clerck?", informeerde ik, "dan hebt u ook gezien waar u stemmen wint en waar u er verliest. Ik zou mijn geen zorgen maken over de N-VA, die staan goed waar ze staan met hun vijftien procent. Het is bij Open VLD dat u nog stemmen kunt afsnoepen. En uw uitdager een loer draaien. Ik heb een ideetje voor een slagske onder de gordel. Let goed op, ik zal het u traag voor zeggen:
“De-vis-bijt-niet-in-Kortrijk!”."

Het sympathieke gelaat van Stefaan De Clerck verraadde eerst onbegrip, maar toen het ronken onder zijn hersenpan hoorbaar werd, ging ook hem een licht op. Traag weliswaar, als bij een spaarlamp. Maar toen hij de grap eenmaal had gesnapt was er geen houden meer aan en rolde de burgemeester van Kortrijk al hikkend over de vloer. "De -vis-bijt-niet-in-Kortrijk!", Woeha hoehoe, hark hark!.

Toen ik na een uitgebreide lunch de Guldensporenstad verliet, waren de plakploegen van Open VLD reeds doende de gloednieuwe affiche van de Quick in de stad uit te hangen. Op de voet gevolgd door grinnikende plakploegen van CD&V.

Louis Van Dievel

lees ook