"Distributietarief voor stroom is te duur"

Volgens Test-Aankoop zijn de prijzen voor distributie van stroom in ons land veel te duur en zijn er te grote verschillen. De intercommunales en dus de gemeenten zijn daarvoor verantwoordelijk.

Enkele dagen voor de gemeenteraadsverkiezingen haalt de consumentenorganisatie Test-Aankoop fors uit naar de prijzen die de distributeurs van stroom aanrekenen aan de klanten. Het gaat om dat deel van de factuur dat niet naar de leverancier gaat, maar naar de intercommunale die eigenaar is van het netwerk dat de stroom bij u thuis aflevert. 

Die distributietarieven zijn de voorbije jaren fors gestegen en maken nu ongeveer 41% uit van de totale stroomfactuur. Voor een gemiddeld verbruik van 3.500 kilowattuur per jaar komt dat neer op een kost van 228 euro tot 535 euro. 

Er zijn dus grote verschillen tussen die tarieven naargelang de distributeur. De duurste tarieven worden aangerkend door Gaselwest en Imewo in West- en Oost-Vlaanderen en Iverlek in Vlaams-Brabant en de regio Antwerpen en Mechelen.

Test-Aankoop merkt op dat de klanten hun distributeurs niet vrij kunnen kiezen en gedwongen zijn om die tarieven te aanvaarden. Bovendien zijn er ook een dertigtal distributeurs in ons land en dat vindt Test-Aankoop veel te veel. De organisatie pleit voor lagere en meer transparante tarieven en vooral voor minder zitjes voor politici in de raden van bestuur van die netwerken.

Dat zijn dus intercommunales en daarin zitten dus de gemeenten. De consumentenorganisatie merkt op dat het in de kiescampagne erg stil blijft over de energietarieven.