23.400 gezinnen krijgen geen onderhoudsgeld

Een op de acht gezinnen krijgt geen alimentatiegeld omdat de ex-partner niet wil of kan betalen. Dat blijkt uit cijfers van het Hoger Instituut voor Arbeid en Samenleving (HIVA) die in de krant De Morgen staan.

Volgens een onderzoek van het HIVA heeft 5 procent van de Belgische huishoudens recht op alimentatie. 180.000 van die huishoudens zijn gezinnen met kinderen, waarvan 23.400 gezinnen (ongeveer 1 op de 8) niet de alimentatie krijgen waar ze recht op hebben omdat de ex-partner het onderhoudsgeld niet kan of wil betalen.

Om erop toe te zien dat die gezinnen toch de nodige financiële middelen hebben om uit de armoede te blijven, werd bijna 10 jaar geleden de Dienst voor Alimentatievordering (DAVO) in het leven geroepen. Die vordert enerzijds achterstallig onderhoudsgeld op bij de ex-partners en betaalt anderzijds voorschotten op onderhoudsgeld uit aan gezinnen die daar nood aan hebben.

Om recht te hebben op een voorschot uitbetaald door DAVO, moet een gezin voldoen aan bepaalde criteria. Zo mag het inkomen maximaal 1.300 euro bedragen. Per kind komt daar 62 euro bij. 12.168 gezinnen vallen onder die inkomensgrens. Op dit moment maken zo'n 7.500 gezinnen gebruik van hun recht om een voorschot bij DAVO te vragen. Vooral grote gezinnen, met drie of meer kinderen, kloppen aan bij de dienst.

Veel gezinnen worden echter nog uitgesloten. "De inkomensgrens die DAVO hanteert, ligt op het niveau van de armoedegrens", zegt HIVA-onderzoeker Jozef Pacolet. "Mensen die daaronder dreigen te vallen, worden effectief goed geholpen, maar mensen die net iets boven die grens uitkomen, belanden bij wanbetaling in een benarde financiële situatie."

Verschillende politieke partijen hebben eerder al voorstellen ingediend om de inkomensgrens van 1.300 euro op te trekken naar 1.800 euro per maand, zodat meer gezinnen geholpen kunnen worden.

Innen van achterstallig onderhoudsgeld moeizaam

Uit het onderzoek van het HIVA blijkt voorts nog dat het innen van achterstallige onderhoudsgelden bij de ex-partners moeizaam blijft verlopen. Gemiddeld kan DAVO 20 procent van de totale uitstaande schuld terugvorderen.

Dat komt grotendeels doordat wanbetaling vaak samengaat met een laag inkomen van de onderhoudsplichtige. Bijna 40 procent van de wanbetalers heeft een leefloon of een inkomen dat na betaling van alimentatie onder de leefloongrens valt. Bij deze groep mensen mag DAVO bij wet geen geld terugvorderen.