Klaar voor het einde der tijden!

COLUMN- "Ik weet niet hoe dat met u zit, maar ik ben er klaar voor", schrijft Louis van Dievel over het -al dan niet vermeende- einde der tijden.

Stél dat het waar is, ik hoop van niet, maar stel dat het waar is dat vrijdag 21 december de wereld vergaat, dan zal ondergetekende met een tevreden gevoel voor de hemelpoort staan, of een verdieping lager, want ik weet niet hoe het met mijn rating bij Vatican Brothers gesteld is. Maar ik dwaal af, een ouderdomskwaaltje waaraan morgen misschien ook een einde komt.

Ik heb dus de thermostaat in huize Van Dievel op zeven gezet, dat is goed voor alle weersomstandigheden. Ik heb de domiciliëring bij Electrabel stopgezet, ha ja, geen kosten op het sterfhuis. Ik heb aan de buren gevraagd om de krant uit de bus te halen (ze mogen hem lezen maar wel goed terug in elkaar vouwen). ‘Gaat ge met vakantie, Louis?’ hebben ze gevraagd en ik heb eens raadselachtig geglimlacht. Ik heb de rolluiken naar beneden gelaten maar de radio wel op Radio Nostalgie laten staan . Ik heb de hond naar het asiel gebracht; ‘tot zaterdag, Blackie’, heb ik gezegd maar hij geloofde me niet. Ik heb het voederplankje voor de koolmeesjes extra bestrooid en de mollenklem ontmijnd. Ik heb gestofzuigd en de ruiten gepoetst, zij het enkel aan de binnenkant, want ik heb geen idee hoeveel stof zo’n Apocalyps veroorzaakt en ik doe niet graag moeite voor nop. Ik heb de polis van mijn brandverzekering nagekeken, of daar een clausule over meteorieten of vulkaanuitbarstingen in staat. Ik heb mijn bibliotheek geordend en mijn eigen romans prominent en geheel strijdig met de alfabetische volgorde bovenaan en volop in het zicht gezet.

Ik heb mijn spaarcenten overgeschreven naar een bank op de Kaaimaneilanden, want op een of andere manier vinden die belastingparadijzen altijd een achterpoortje, waarom dan niet voor het einde der tijden. Ik heb mijn werkgever gemeld dat ik in geval van Apocalyps thuiswerk en dat hij mij dus niet als onwettig afwezig moet beschouwen. Ik heb oesters en echte champagne – niet van die smerige cava – in huis gehaald want ik wil in stijl ten onder gaan. Ik heb mijn geliefden per mail gemeld dat mijn gevoelens voor hen onveranderd zijn, wat er op 21 december ook mag gebeuren. Ik heb mijn intieme vijanden – drie in getal – alles vergeven al hoop ik stiekem dat zij op een niet al te plezierige wijze aan hun eind komen als Het Moment daar is (en anders ook).

Ik heb de kamerplanten water gegeven, de lamp van de gang die al een jaar stuk is vervangen, ik heb de PMD-zak buiten gezet want die komt de vuilkar maar om de veertien dagen ophalen. Ik heb de DVD’s van àlle seizoenen van FC De Kampioenen klaargezet, want door het tijdverschil kan het uren duren voor de Apocalyps onze tijdszone bereikt en een mens kan toch niet de hele tijd op zijn horloge zitten kijken.

En ik heb de wekker zoals gewoonlijk ingesteld op kwart voor zeven. Dan heb ik nog alle tijd om mijn tanden te poetsen en mij deftig te scheren, want het einde der tijden mag geen reden zijn om te verslonzen.

lees ook