Meest recent

    De gastvrijheid van Sandor Hös

    Naar aanleiding van de aanpassing van de Europese asielwetgeving trok Katrien Vanderschoot naar Griekenland en Hongarije, twee landen aan de poorten van Europa die worden beschouwd als doorsluislanden voor vluchtelingen en illegale migranten. Voor deredactie.be maakte ze enkele portretten. Vandaag: Sandor Hös, directeur van het opvangkamp in Bicske in Hongarije.

    Het opvangkamp voor vluchtelingen in Bicske heeft zijn naam niet gestolen. Een tiental vuilgele stenen barakken, strak geordend, ongezellig en anoniem, zijn nauwelijks zichtbaar in het gure winterweer. Naast een van de paadjes staat een sneeuwpop, wat verder een ijzeren schommelpaard, kromgebogen. Een inwoner rept zich met een plastic zak naar binnen, naar de warmte. Ik klop de sneeuw van mijn bergschoenen en ga eerst langs in het kantoor van directeur Sandor Hös.

    Een fotomuur herinnert aan de lange traditie die Hongarije heeft als opvangland. Honderden foto’s van vluchtelingen uit de Balkan, hierheen gestroomd tijdens de Bosnische burgeroorlog begin jaren 90. Hier en daar herken ik mensen: Sadako Ogata, toen VN-Hoog Commissaris voor de Vluchtelingen, en de eeuwige glimlach van de Britse prinses Diana, die een bezoek bracht aan een kamp aan de grens met Servië, toen nog een deel van ex-Joegoslavië.

    Toen in 2010 de rechtse regering van premier Viktor Orbán aan de macht kwam, werd de gastvrijheid op een laag pitje gezet. Hongarije verschoof de aandacht naar de grensbewaking met het oosten en er kwamen ook mensenrechtenrapporten over slechte behandeling door de bewakers in de vluchtelingenkampen.

    Nu verandert het opnieuw onder druk van die mensenrechtenorganisaties én stemmen binnen de Europese Unie. Teruggestuurde asielzoekers worden ook steeds minder in het geniep doorgestuurd naar Servië of van daaruit zelfs naar Griekenland.

    Sandor Hös wil alleen als directeur van Bicske praten. In zijn opvangkamp gaat het goed, zegt hij, voor wie wil blijven. "Mijn frustratie is dat ze allemaal weg willen, verder naar het westen, en dat terwijl we zoveel geven: opvang, zakgeld, eten, sportfaciliteiten,… en als ze na de taallessen integreren, dan zoeken we hen nog een job en een gratis flat. Ze zouden moeten inzien dat het hier toch niet zo slecht is."

    Ik heb het wel voor Sandor Hös. Hij heeft plichtsbesef – iedereen moet werken, ook de vluchtelingen – maar ook een goed hart. "Vergeet niet hoeveel trauma’s die mensen hebben meegemaakt in hun eigen land en op hun weg hierheen. Daarom doe ik mijn best om hen goed mogelijk op te vangen, te laten begeleiden en te integreren."

    De Dublin-regeling

    Volgende maand bestaat de Dublin-regeling 10 jaar. Ze bepaalt welke Europese lidstaat verantwoordelijk is om een asielaanvraag te behandelen. In de praktijk was dat het eerste land waarlangs een mogelijke asielzoeker de Unie binnenkwam.

    Het systeem is al aangepast maar vertoont nog veel lacunes, zeggen vluchtelingenorganisaties. Gezinnen blijven apart, asielzoekers krijgen vaak geen eerlijk onderzoek, worden te lang opgesloten of teruggestuurd naar landen waar hun rechten niet worden gerespecteerd. En ook lidstaten klagen dat ze te veel op hun schouders krijgen.

    Een nieuwe regeling, Dublin III, ligt klaar om te worden goedgekeurd door het Europees Parlement. Katrien Vanderschoot trok in het kader daarvan naar Griekenland en Hongarije.