"Brussel kan best met minder politiek personeel"

Vanaf 4 mei volgt de PS'er Rudi Vervoort zijn partijgenoot Charles Picqué op als minister-president van het Brussels Gewest en hij doet al van zich spreken. Gisteren liet hij weten dat hij vindt dat Brussel best met wat minder parlementsleden kan en ook dat de 19 gemeenten van Brussel het met minder gemeenteraadsleden en schepenen kunnen.
Op 4 mei volgt Rudi Vervoort (rechts) Charles Picqué op.

In "Vandaag" op Radio1 heeft hij daarover meer uitleg gegeven. Het Brussels Gewest heeft 89 parlementsleden en dat vindt Vervoort te veel in vergelijking met Vlaanderen en Wallonië. Van die 89 zitjes zijn er 17 gereserveerd voor Nederlandstaligen, maar dat is niet het probleem voor Vervoort. Volgens hem kan er over een vermindering aan beide kanten gedacht worden, al heeft hij nog geen concrete cijfers voor ogen.

Verder wil hij ook de gemeenten hertekenen, maar niet fuseren. Een fusie is volgens Vervoort het verkeerde antwoord op een goede vraag. Wel wil hij praten over het hertekenen van de gemeentegrenzen, waarbij de financiële leefbaarheid van de gemeenten voorop moet staan. Armere delen van een gemeente zouden daarbij kunnen aansluiten bij een rijkere gemeente. Op die manier zou de solidariteit tussen de gemeenten meer spelen, terwijl nu het gewest de gemeenten moet helpen.

Communautaire ruzies vindt Vervoort tijdverlies, en nu het Brussels Gewest bijna 25 jaar bestaat en "volwassen" is, moet men naar een model waarin Nederlands- en Franstaligen samenwerken, zo zegt Vervoort, die zelf goed Nederlands spreekt. Zijn vader is een Vlaming en hij weet hoe moeilijk het vaak is voor zijn vader om zijn taal te kunnen spreken in de openbare diensten in Brussel. Ook daar wil hij werk van maken.