Geven en nemen met Iran - Tom Sauer

Met verbazing staart de wereld naar Iran: een relatief ontwikkeld land gezegend met natuurlijke rijkdommen, maar zichzelf meer en meer isolerend door koppig door te zetten met een nucleair verrijkingsprogramma. De VS en Europa zijn ook koppig, maar de tijd tikt in het voordeel van Iran.
labels
Opinie

De Ayatollahs, die door ons in ieder geval met een scheef oog worden bekeken, stellen dat ze niets verkeerd doen: elke staat heeft het recht om een civiel nucleair programma op poten te zetten. De rest van de wereld vreest dat het land minder nobele doelstellingen heeft en als puntje bij paaltje komt een militair nucleair programma achter hun lange baard te voorschijn zal komen. Dat Iran over de Bom zal kunnen beschikken. En dat laatste willen we niet.

De cruciale vraag is: hoe kunnen we Iran overtuigen om het nucleair programma qua verrijkingsniveau te beperken zodat het gevaar voor een nucleair wapen substantieel ingeperkt wordt? In theorie moet dat zeker mogelijk zijn als Iran nobele doelstellingen heeft, aangezien civiele programma's slechts beperkte verrijkingsniveaus vereisen. In de praktijk hebben de onderhandelingen met Iran nog niets uitgehaald, en die vinden nu toch al bijna 10 jaar plaats.

Schemeroorlog

Stelselmatig hebben we de duimschroeven aangedraaid: bestaande sancties door de VS sinds de Iraanse Revolutie van 1979 werden ge-upgrade door een viertal sanctierondes uitgevaardigd door de VN Veiligheidsraad sinds 2006, met daarbovenop als toetje harde, unilaterale maatregelen door de VS en de EU sinds 2010. Niets minder dan een olieboycot werd afgekondigd. Het Westen weigert nog olie af te nemen van Iran.

Het resultaat is bekend: een slabakkende economie, meer werkloosheid, een terugval van 40% van de Iraanse munt en dus inflatie. De Westerse logica achter de sancties verwacht dat de Ayatollahs zullen bijdraaien, desnoods onder druk van de morrende bevolking. Quod non.

Voorlopig geen beelden van massademonstraties zoals ten tijde van de vorige presidentsverkiezingen. Verklaringen voor deze schijnbare rust zijn: een autocratisch systeem dat de bevolking onder de knoet houdt; propaganda dat de schuld van de problemen op het sanctionerende buitenland afschuift; een nationalistisch gevoel dat een Calimero-effect bewerkstelligt. Westerse veiligheidsdiensten doen er alles aan om dat laatste effect te vergroten.

Een schemeroorlog vindt plaats waarbij Iraanse nucleaire installaties met computervirussen - deze zijn dus niet allemaal afkomstig uit China - worden aangevallen. En de rode lijn wordt misschien toch wel degelijk overschreden wanneer Iraanse atoomgeleerden overdag op straat worden doodgeschoten.

Geen resultaat

Belangrijk is te kijken wat het allemaal heeft opgeleverd: nul komma nul. Integendeel, het Iraans nucleair programma maakt stelselmatig vorderingen. Iran is momenteel in staat om uranium tot 20% te verrijken, zoals het Internationaal Atoomenergie Agentschap met de regelmaat van de klok aangeeft. De stap naar 90% - wat nodig is voor de Bom - is minder groot dan op het eerste zicht lijkt. De stap van 0% naar 20% is technisch gesproken moeilijker dan van 20% naar 90%.

Met andere woorden, Iran staat relatief dicht bij een atoomwapen. Nog enkele jaren op de tanden bijten, wat het al decennia moet doen, en de heilige graal is in zicht.

Het proberen waard

Deze week worden de onderhandelingen met de internationale gemeenschap, die sinds vorig jaar waren opgeborgen, opnieuw opgestart in Kazachstan. Diegenen die de bakens uitzetten bij die onderhandelingen zijn de VS en de EU.

Wordt het niet hoog tijd dat als wij een vreedzame oplossing echt genegen zijn, met serieuze compensaties voor Iran op de proppen komen? Mag het iets meer zijn dan vliegtuigonderdelen? En kan als een teken van goodwill een deel van de sancties niet opgeschort worden? Of probeer een tijdelijke amnestie periode, zoals voorgesteld door de Belg Pierre Goldschmidt, die tot voor kort het nummer twee was van het IAEA.

Mogelijk werkt ook deze zachte aanpak niet. Maar het is tenminste het proberen waard. De harde aanpak heeft tot hier toe niets opgeleverd. Men kan natuurlijk hopen dat wat jaren niet gewerkt heeft binnenkort wel zal werken, misschien mede naar aanleiding van nieuwe presidentsverkiezingen.

Maar als ook die horde succesvol door Iran wordt genomen, zou het wel eens te laat kunnen zijn. De tijd is aan de zijde van Iran. Het is met andere woorden nu of nooit.

 

(De auteur doceert Internationale Politiek aan de Universiteit Antwerpen.)

@Allen: reageren op deze bijdrage impliceert dat u zich schikt naar de regels voor deelname aan onze discussiefourms; lees dus de regels - mod.

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.