Komt het einde van de telefooncel in zicht?

Wettelijk verplichte dienstverlening, zoals openbare telefooncellen, de inlichtingendiensten en de telefoongidsen, is overbodig geworden. Dat besluit het Belgisch Instituut voor Post en Telecommunicatie (BIPT) na een audit. De regulator stelt voor om de verplichting van die diensten af te schaffen.

De universele dienstverlening in de telecomsector is opgelegd door Europa. Het komt erop neer dat de historische operator, in dit geval Belgacom, een aantal telecomdiensten moet garanderen tegen een redelijke prijs en aan een bepaalde kwaliteit. Belgacom houdt een park openbare telefooncellen in stand, heeft een inlichtingendienst, geeft een telefoongids uitgeven, stelt een gratis noodnummer beschikbaar, enzovoort. Het BIPT controleert die universele dienstverlening.

De telecomwet van 2012 geeft het BIPT de bevoegdheid om te bekijken hoe de universele dienstverlening gemoderniseerd kan worden. De instelling wijst erop dat er vandaag meer mobiele telefoons dan burgers zijn in ons land. "Sinds 2008 zagen we jaarlijks een daling van het aantal telefoonhokjes van 11 procent, vaak op vraag van de gemeenten zelf", zegt een woordvoerder. In oktober vorig jaar telde ons land nog 4.766 telefooncellen. 

Het BIPT is wel geen voorstander van afschaffing van alle verplichte dienstverlening. Zo moeten verplichte sociale tarieven voor telefonie en internet blijven, vindt de regulator.

De telecomsector, de consumentenorganisaties en andere belanghebbenden zoals gemeenten kunnen de komende weken hun opmerkingen overmaken aan het BIPT.