"Vrienden van Syrië" verhogen steun aan oppositie

In Rome hebben de elf landen die deelnemen aan de conferentie van de "Vrienden van het Syrische Volk" de Syrische oppositie meer "politiek en materiële hulp" beloofd. Belangrijke aanwezige op de conferentie was de kersverse Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, John Kerry. Hij beloofde namens de VS 60 miljoen dollar extra voor "niet-dodelijke" hulp.

Die niet-dodelijke hulp zou gepantserde voertuigen, kogelvrije vesten of nachtzichtapparatuur kunnen omvatten. Daarnaast zal er de komende maanden ook rechtstreeks medische hulp en voedsel naar de rebellen gaan.

Het gaat om een belangrijke ommezwaai in de Amerikaanse houding in het Syrische conflict. Washington hoopt zo de druk op Assad op te drijven om af te treden en de weg vrij te maken voor een democratische overgang. "De VS en hun partners vragen Assad al meer dan een jaar om te luisteren naar de stem van het Syrische volk en de oorlogsmachine stil te leggen. Maar het enige dat we kregen was een verhoging van het geweld."

"We moeten de zijde kiezen van diegenen die ijveren voor een vrij Syrië", aldus Kerry. "Er staat erg veel op het spel en we kunnen niet riskeren dat dit land in het hart van het Midden-Oosten vernietigd wordt door slechte autocraten.

Dat de Amerikanen blijven vasthouden aan het wapenembargo is niet naar de zin van het Syrische verzet. Oppositieleider Ahmed al Khatib (kleine foto, midden) had er daarom mee gedreigd om niet naar Rome te komen.

Al Khatib riep de Syrische president Assad op om "als een mens". "Bashar Assad, voor de toekomst van je land: neem ten minste een keer in je leven een verstandige beslissing."

Ook de Italiaanse minister van Buitenlandse Zaken Giulio Terzi, de gastheer van de conferentie, drong aan op grotere inspanningen. "We kunnen niet toestaan dat dit bloedbad blijft duren". Het conflict in Syrië duurt nu bijna twee jaar en kostte al het leven aan 70.000 mensen.