"Daarvoor moet ge toch echt ne smeerlap zijn"

De partners van de overlevende kinderverzorgsters van Fabeltjesland hebben op het proces-De Gelder stuk voor stuk hun woede geventileerd tegenover De Gelder. Ze noemden hem "smeerlap" of "crapuul". "Hij behoort thuis in de vergeetput", "hij verdient de pijnlijkste dood", "onze wegen zullen elkaar nog kruisen", zeggen anderen. De Gelder durfde hen niet aankijken.

André Smet, man van de zwaargewond geraakte kinderverzorgster Rita Van Geyte, kreeg als eerste het woord. Hij richt zich tijdens zijn getuigenis tot Kim De Gelder. "Daarvoor moet ge toch echt ne smeerlap zijn", zegt hij met zijn blik strak gericht op De Gelder. De Gelder kijkt ook naar de man.

"En ik spreek dan alleen nog maar over mijn vrouw, niet over de kindjes die ge vermoord hebt." De Gelder kijkt weg. "Ge moogt gerust naar mij kijken hé, want ge zit u daar nu te concentreren op een bladje voor u of zo", gaat Smet verder. "Maar als ik kon, ik zou naar u komen om ne keer te horen wat ge dan te zeggen hebt."

Over zijn vrouw zegt hij dat ze heel erg veranderd is door de feiten. "Rita was sociaal, toegankelijk, blij. Ze was altijd de eerste om anderen te helpen", zegt Smet. "Ze heeft nog een vierde van de kracht die ze toen had. Het was een gezonde, krachtige vrouw, niets was haar te veel of te weinig. Ze was nooit angstig nu wel." Ook Van Geytes zoon Joran en haar hartsvriendin Anja Vereertbrugghen zeggen dat de vrouw fel veranderd is.

"Ge zijt in mijn ogen crapuul"

Frank De Wolf, de vriend van de zwaargewonde kinderverzorgster Hilde De Bondt, getuigt dat zijn vriendin toen ze elkaar leerden kennen, een "sterke en gezonde madam" was. "De kindjes waren haar leven." De afgelopen vier jaar gaat het met haar in een golfbeweging, zegt De Wolf. "Als het slecht gaat, zit ze heel diep. Maar er zijn ook momenten waarop ik denk: dat is weer de vrouw voor wie ik gevallen ben."

De Wolf richt zich ook tot De Gelder. "Ik wil meneer De Gelder bedanken voor deze schone cadeau. Die rugzak die we voor de rest van ons leven moeten meedragen. Die is zwaar, zeer zwaar. Te zwaar voor sommigen op bepaalde momenten. Een rugzak met twee moeders die er niet meer zijn. Een rugzak met twee kindjes die er niet meer zijn. En nog veel meer slachtoffers."

"En ik ben niet bang van u, misschien moet u bang zijn van mij. Maar ik ben niet bang van u. (...) De maatschappij moet u wegstoppen voor de rest van uw leven. Op een plaats waar wij controle hebben over uw leven, waar wij domineren. (...) Ge moogt mij ook in de ogen kijken. Maar ge durft niet. Gij zijt in mijn ogen crapuul." In de zaal weerklinkt applaus, dat voorzitter Defoort probeert te sussen.

De oudste dochter van De Bondt getuigt dat haar moeder een gebroken vrouw was na de feiten en dat ze soms door diepe dalen gaat sindsdien.

"Hij mag die smile van zijn gezicht halen"

Bart Van Mol, de man van kinderverzorgster Katja Van Meersche, zegt dat zijn vrouw zwaar psychisch geleden heeft en nog altijd lijdt onder de feiten. De vrouw is op de eerste dag van het proces ingestort en opgenomen in de psychiatrie, ze kon gisteren zelf niet getuigen. "Er zijn soms een paar dagen dat we wel samen kunnen genieten met onze dochter, maar na die dagen stort ze weer in omdat ze zichzelf al die dagen heeft moeten oppeppen."

Ook Van Mol spreekt De Gelder persoonlijk aan. "Je hebt een laffe daad gedaan. Je hebt veel levens kapot gemaakt. Hij mag die smile van zijn gezicht halen. Het is genoeg geweest. Er is maar één plaats waar hij thuishoort: de vergeetput zonder eten en drinken. zodat hij kan meemaken wat alle slachtoffers meemaken."

"De Gelder verdient de pijnlijkste dood"

De ex-man van Sabrina Lissens, Johny De Wolf, getuigt dat de kinderverzorgster helemaal veranderd is sinds de feiten. "Het was op slag een andere vrouw. Ik heb ze nooit meer zo gekregen als voordien." De Wolf legt de reden voor de breuk met Lissens ook bij de schade die De Gelder heeft aangericht.

Ook hij richt zich tot De Gelder, met een kwade en trillende stem. "Ik wil hem bedanken dat hij deze week de toestemming heeft gegeven om beelden te laten maken. Nu heeft mijn zoon ook nog een beeld van u, hij slaapt niet meer. Weer heeft hij mijn kinderen geraakt."

"Normaal kunt ge ne slechte mens herkennen. Nu zag mijn zoon een foto van een domme idioot, van een gewone mens."

"En zit zo niet te lachen kerel, want het enige recht dat jij hebt, is de pijnlijkste dood sterven die er is." Hofvoorzitter Defoort probeert te sussen. "Als de tantekes vragen waarom, en hij antwoordt: 't Is de moment niet, waar haalt hij dat recht?", zegt De Wolf nog.

"We hebben wijselijk mijn broer thuis gelaten"

Gustaaf Baevegem, de man van poetsvrouw Marleen Van Damme, vertelt hoe zwaar zijn vrouw lijdt onder wat is gebeurd. "Het was een sterke vrouw, niets was haar teveel. Ze was goedlachs en dronk al eens graag een Duvel. Ze was zelden kwaad en deed alles voor ons gezin. Na de feiten heeft ze de slaap nooit meer goed kunnen vatten. Ze bleef vaak de hele nacht op. Als ik opstond om 5 uur om te gaan werken, was zij al of nog wakker. Nu heeft ze nog altijd slaapproblemen."

De oudste zoon van de vrouw zegt dat zijn moeder erg veranderd is door de feiten. "De draad van levensgoesting is volledig doorgesneden. U hebt haar gisteren ook gehoord: ze ratelt door en ze antwoordt niet op de vraag."

Ook hij heeft nog een boodschap voor De Gelder. "Ze mogen hem straffen, ik weet niet hoe lang. Maar als zijn straf is uitgezeten, zullen onze wegen elkaar kruisen. Ik heb nog een broer, we hebben die wijselijk niet meegenomen. Dat is alles wat ik zal zeggen."

Tot slot getuigen de vader en de moeder van Joyce De Landsheer, de stagiaire die in Fabeltjesland aan de slag was. Het meisje kan het sindsdien niet meer aan om met kinderen te werken. "Joyce was een losbol, een zotte doos zoals we ze noemden. Daarna is ze een schoothond geworden, ik kon me niet omdraaien of ik trapte op haar tenen. Ze durfde niets meer alleen, Joyce moest altijd iemand rond haar hebben", zegt de moeder. "Nu nog, gaat ze nergens alleen naartoe. Ik hoop dat dat er ooit uitgaat."