Het succes van e-commerce - Bart Van der Leenen

10,7 miljard euro ... Laat dit even inwerken. 10 miljard, 700 miljoen. Euro. Dat is (afhankelijk van de bron) ongeveer het bedrag dat bijna een kwart van de Belgen samen uitgeeft aan online aankopen. E-commerce zit duidelijk in de lift. En als we politici, analytici en de commerciële aanbieders van webwinkeloplossingen mogen geloven, staan we aan de vooravond van een lucratief online succes. Maar het is iets te vroeg om te juichen ...

Die miljarden zijn wel representatief voor wat u en ik hebben betaald via online aankopen, maar niet voor de inkomsten die terugvloeien naar onze handelaren. Zowat de helft van dit bedrag spendeerden we immers op puur buitenlandse webwinkels. Geld dat dus niet meer wordt uitgegeven aan onze plaatselijke ondernemers, dat niet gebruikt wordt voor plaatselijke tewerkstelling en ook niet naar onze Vlaamse webshops vloeit. Neen, het is geld dat uit onze plaatselijke economie verdwijnt, richting slimme buitenlandse webaanbieders. Zo erg succesvol durf ik dat niet te noemen ...

Een ongelijke strijd

De belangrijkste reden waarom we massaal in het buitenland kopen, ligt voor de hand: niet-Belgische webshops zijn meestal een pak goedkoper. Onze online aanbieders strijden immers met ongelijke wapens: onduidelijke wetgeving, hoge arbeidskost, duurder transport, hogere uitbatingslasten, ... u kent het verhaal. Die combinatie maakt dat een tuinslang thuis geleverd vanuit Noord-Holland goedkoper wordt dan in de plaatselijke webshop of de winkel om de hoek.

Daarnaast is aankopen doen op een .be site geen garantie op investeren in de eigen economie. Zowat 35% van de .be domeinnamen zijn in handen van buitenlanders, waarvan onze Nederlandse bovenburen het leeuwendeel bezitten. Omgekeerd hebben wij Vlamingen met moeite één procent van de .nl adressen in gebruik. Hoe zat dat ook weer met onze Vlaamse ondernemersmentaliteit?

Onze noorderburen hebben bovendien massaal goed scorende domeinen met sterke reputatie opgebouwd, waardoor het steeds moeilijker wordt voor nieuwe Vlaamse webwinkels om succes te boeken. De kosten om de winkel bekend én makkelijk vindbaar te maken in Google wegen zwaar op de marges en maken onze concurrentiepositie extra zwak. En terwijl onze ondernemers hard en duur inzetten op SEO, SEA en content marketing strategieën, zitten die Nederlanders ook niet stil. Een ongelijke strijd.

Akkoord, er zijn erg mooie Vlaamse voorbeelden, maar die zijn zeker geen representatief gemiddelde. Startende webwinkels worden geconfronteerd met een grote schaarste aan beschikbare domeinnamen, een achterstand in goede mobiele applicaties (want ook verkopen via smartphone en tablet zitten in de lift), de exuberante prijzen voor dubieuze weboptimalisatiediensten en een structureel gebrek aan objectieve informatie en kwalitatieve informatie. We kunnen duidelijk beter.

Ik betrap Vlaanderen erop dat we vooral sterk zijn in het promoten van e-commerce (kijk eens naar de mogelijkheden, de kansen!), maar veel te weinig met een structurele onderbouw om online initiatieven succesvol te maken. Legio pogingen vanuit de overheid zijn ofwel uitgelopen op een sisser, ofwel ingegeven door het commerciële belang van de deelnemende partijen. Ook het geplande project ‘Commerciële Inspiratie’ van de Vlaamse overheid belooft weer veel omkadering en ondersteuning voor onze middenstand. Dat start midden 2013, op basis van cijfers uit 2011 - in internet termen uit de oertijd - en vergeet weerom de noodzakelijke onderbouw om binnen het huidige online slagveld succesvol te kunnen zijn.

Kijken bij de buren

E-commerce succesvol maken in Vlaanderen doe je niet door iedereen een webwinkel te geven, maar door de juiste omkadering te scheppen voor een gezond online ondernemingsklimaat. Misschien dan toch maar even bij onze noorderburen gluren ... ?

 

(De auteur is zaakvoerder van de communicatiebureaus Whizpr & Outofthecrowd.)

lees ook