"Ze denkt dat De Gelder iedereen is komen krabben"

Op dag 12 van het Proces-Kim De Gelder hebben vandaag de ouders getuigd van de kinderen die gewond raakten in het kinderdagverblijf Fabeltjesland. "Ik kan niet geloven dat je in zo’n klein onschuldig kind kunt steken", klonk het. "De Gelder mag nooit meer vrijkomen", vroegen sommige ouders ook.

De eerste getuigen van de dag zijn Ronny De Vilder en Krista D'Hondt. Hun dochtertje, dat 1 jaar en 7 maanden oud was op het moment van de feiten, raakte zwaargewond bij de raid van Kim De Gelder. "Onze dochter was een pittige baby. We noemen haar soms "Madame Non": als het neen is, is het neen en dan is het soms onderhandelen", zeggen ze.

Het koppel vertelt beheerst over de lijdensweg op de bewuste dag in 2009. Zo duurde het heel lang voor ze wisten waar hun dochtertje was en hoe erg de verwondingen waren. Toen ze eindelijk wisten dat het kind naar het ziekenhuis van Aalst was gebracht, reden ze nog haar huis om een "tutje" en een pop te halen. "Tot op vandaag laat ze die niet los."

"Ze heeft zich toen aan mij vastgeklampt en ik voel dat precies nog. Zo van: yes, we zijn terug samen", zegt de moeder over het weerzien met haar dochtertje. Ze richt zich ook even tot De Gelder. "Ik kan niet geloven dat je in zo’n klein onschuldig kind -knoopt dat maar goed in uw hoofd hé- kunt steken en dan nog eens opnieuw kunt steken. Ik denk dat er zelfs geen beesten zo afgeslacht worden."

Het dochtertje van het koppel had verschillende zware steekwonden en moest lang revalideren. "Maar nu gaat het goed. Ze is een heel fier kind. Ze beseft niet wat er toen gebeurd is. De vraag is natuurlijk wat ze later gaat zeggen", luidt het. En ze weet ook wel dat er iets aan de hand is. "Ze spreekt over De Gelder en ze kent zijn naam. Gelukkig denkt ze nog dat die iedereen “krabben” is komen geven."

"Ik hoop dat hij nooit meer vrijkomt", besluit de moeder, voor wie het vreemd aanvoelt om te getuigen na de ouders van de omgekomen kinderen. "Het is raar om te zeggen, maar eigenlijk heb je een soort schuldgevoel tegenover de ouders die een kind verloren hebben. Wie zijn wij om te klagen over littekens of nachtmerries dan."

"Ge zou met mij wel wat anders hebben meegemaakt"

Vervolgens is het aan Jorn Lampers en Kathleen Buyle om plaats te nemen op de getuigenbank. Ook hun dochtertje raakte gewond. Ze beschrijven het kind, 1 jaar en 9 maanden op het moment van de feiten, als een vrolijke baby. "Ze weet ook in welke plooi ze haar gezichtje moet zetten om gedaan te krijgen wat ze wil. Typisch meisjes", zegt de moeder.

De periode na de feiten was het meisje bang van geluiden die ze niet kon thuisbrengen, zo vertellen de ouders. Het kind zonderde zich ook wat af en moest gestimuleerd worden om meer met de andere kinderen te praten en te spelen. "Ze gaat thuis ook nooit alleen naar boven."

"Ik laat mijn leven niet bepalen door zo'n mafketel", zegt de vader. Sinds zijn dochtertje een reconstructie van de gebeurtenissen heeft gezien in "Het Journaal", heeft ze weet van De Gelder. "Ze heeft toen gezegd: "Dat is bij mij gebeurd in Fabeltjesland", zegt de moeder. Sindsdien wil ze het nieuws altijd volgen."

"Ik hoop dat het gerecht zijn verantwoordelijkheid neemt", besluit de vader. Hij noemt De Gelder, die er lusteloos bijzit, een gevaar voor de maatschappij en iemand die nooit meer mag vrijkomen. "Ge hebt het u wel heel gemakkelijk gemaakt hé: een oudere vrouw, kinderen die niets kunnen terugdoen. Ge zou met mij wel wat anders hebben meegemaakt."

"Ik weet nu hoe die stoute meneer noemt"

Vervolgens getuigen Lode Vanwildemeersch en Greet Vil, de ouders van een jongetje dat 10 maanden oud was toen De Gelder zijn dodelijke raid ondernam. Net als voor de andere ouders was het voor hen moeilijk om snel duidelijkheid te krijgen over hun kind. Ze wisten enkel dat hij niet omgekomen was, maar ook niet ongedeerd was gebleven.

Ook al was het kindje heel jong, toch hadden de gebeurtenissen psychische gevolgen. "Het zijn moeilijke weken geweest voor onze zoon. Hij had nachtmerries en wilde altijd rechtzitten in plaats van neerliggen. (...) Hij heeft 10 dagen geen vaste voeding, zoals fruitpap, willen eten. Ze zeiden ons dat dit normaal was als iemand een trauma heeft opgelopen", aldus de ouders.

Het jongetje weet intussen al iets over de feiten. "Hij is ons vaak voor en weet dingen die we hem niet verteld hebben. Na de kerstvakantie zei hij plots: "Ik weet nu hoe die stoute meneer noemt." Hij had dat op school opgevangen", zegt de moeder. "Maar het gaat heel goed nu met hem. Hij is nog te klein om alles te beseffen."

"Het beheerst ons leven zeker niet, we hebben het een plaats kunnen geven. Maar er gaat ook geen dag voorbij zonder dat ik eraan denk", zegt de vader, die nog kwijt wil dat hij het jammer vindt dat het 4 jaar heeft geduurd voor het proces er was. Hij betreurt ook dat het lang onzeker was of er een proces zou komen. "Ik ben ervan overtuigd dat bij zo'n zware feiten er altijd een proces moet komen."

"Hij is nooit paniekerig geweest, maar hij kon bevriezen"

De volgende getuigen zijn Steven Van Wezenbeeck en Ellen Cools, de ouders van een zoontje dat 1 jaar en 10 maanden was op het moment van de feiten. "Het was een hevig manneke, altijd opgewekt en hij weende nooit", vertellen ze. Ook voor hen duurde de onzekerheid ellendig lang, ze waren bij de laatste 2 koppels die nieuws kregen.

Ook met hun zoontje gaat het nu goed, maar ze vragen zich wel af of hij er in de toekomst niet onder gaat lijden. "Hij is nooit paniekerig geweest, maar hij kon bevriezen, bijvoorbeeld ook in het ziekenhuis als er vreemden binnenkwamen. Op den duur bleef dat enkel nog voor mannen met een "broske"", zo vertellen ze over de periode na de feiten.