Japan twee jaar later: de nucleaire erfenis

Het was een verwoestende kettingreactie in maart 2011: na de aardbeving kwam de tsunami in Japan, en die veroorzaakte naderhand de kernramp in Fukushima. Twee jaar later blijkt dat vooral de nucleaire erfenis een erg complex verhaal is: "Er zijn zware fouten gemaakt."
AP2011

Op 11 maart 2011 werd Japan getroffen door een zware aardbeving, met een kracht van 9.0 een van de zwaarste in de geschiedenis van het land. Daarop volgde een tsunami die grote delen van de noordoostelijke kust verwoestte, en leidde tot de kernramp van Fukushima. Het leven van vele tienduizenden gezinnen raakte ontwricht. Veel geëvacueerde families wonen nog altijd in tijdelijke woonplaatsen.

De heropbouw van de door de tsunami verwoeste kustgebieden verloopt langzaam maar zeker. (Ex-)bewoners van de van de kaart geveegde vissersdorpjes in het noordoosten van het eiland stellen zich luidop vragen over de trage heropbouw. Velen wonen nu nog steeds in tijdelijke woondorpen. Voor twee jaar, was na de ramp gezegd. Nu is er sprake van "zes tot tien jaar" bij de overheid.

Die kritiek klonk zo luid dat ex-premier Yoshihiko Noda zelfs mea culpa sloeg in het parlement. "Het is waar dat de regering niet voldoende heeft gedaan, en niet adequaat heeft gehandeld", klonk het in oktober nog.

Een paar maanden later verloor Noda de verkiezingen en ruimde zijn centrumlinkse regering plaats voor die van de conservatief Shinzo Abe. Al moet het gezegd dat de onhandige aanpak van de tsunami en de kernramp maar een deel van het probleem vormden voor Noda.

Wonen of niet wonen in besmet gebied?

De heropbouw van de door de tsunami weggeveegde dorpen is één ding, de nasleep van de nucleaire ramp in de prefectuur Fukushima is nog een ander paar mouwen. "Je krijgt er te maken met een veel complexer verhaal dan eerst was ingeschat", zegt Jan Vande Putte, expert stralingsveiligheid van Greenpeace die de radioactief besmette gebieden ter plaatse heeft bezocht.

Na de ramp met de reactoren in Fukushima werd een zone van 20 kilometer rond de centrales strikt verboden gebied wegens te radioactief. Maar ook daarbuiten zijn ongezond hoge waarden gemeten door onafhankelijke experts, vooral ten noordwesten van de 20 km-zone. In die zone wordt op sommige plaatsen gewoond, op andere niet.

Daardoor ontstaan half verlaten dorpen of steden, waar mensen maar met mondjesmaat naar terugkomen. "Mensen keren soms in het weekend terug. Volwassenen dan, zonder hun kinderen." De timing voor een oplossing blijft onduidelijk, ook wegens verkeerde inschattingen. "Er zijn zware fouten gemaakt", claimt Vande Putte, die ook wijst op de financiële gevolgen voor zij die hun huizen moesten ontvluchten.

Jan Vande Putte (foto: tijdens een persconferentie in Japan) schat dat 80.000 tot 100.000 mensen momenteel op een plaats wonen die door te hoge stralingswaarden niet geschikt is voor bewoning. Dat kan soms tot 60 km verwijderd zijn van de getroffen kerncentrale, zegt hij.

"Radioactiviteit sterk gehecht aan huizen en wegen"

Er zijn grote problemen met radioactief cesium-137 en -134. "Uit recente metingen blijkt dat de straling zeer hardnekkig is. Cesium is sterk gehecht aan betonnen structuren en daken." Wegen, huizen en grote constructies dus. Een macadam die radioactief besmet is, zou eigenlijk het best uitgebroken moeten worden, maar dat is uiteraard niet haalbaar (cesium-137 heeft een halveringstijd van 30 jaar, cesium-134 van 2 jaar, nvdr.)

Het "decontamineren" van een radioactief besmette woning gebeurt in verschillende stappen. Eerst wordt het dak afgespoeld met water, daarna volgt de gevel. In de tuin wordt een klein laagje aarde afgegraven. "Dat levert een afvalprobleem op", zegt Vande Putte. "Er is geen plaats voor de gigantische hoeveelheden besmette aarde die zo ontstaan." Die aarde wordt dan meestal in een put gestopt in de tuinen zelf. Vande Putte heeft het over "secundaire besmettingen".

Goed nieuws voor het visbestand

Naast de straling op het land, is er ook een probleem met het zeewater en de rivieren. In vergelijking met de no-gozone op het land, werd ook een groot deel van de kustwateren verboden gebied voor de lokale vissers. Tijdens en na de oververhitting van de Fukushima-reactoren zijn miljoenen liters radioactief besmet water in zee gevloeid.

In januari nog werd in de buurt van de verwoeste kerncentrales een vis gevangen met een schokkend hoge radioactiviteit. De vis zou 2.500 keer meer radioactiviteit vertoond hebben dan de wettelijke norm. De wettelijke norm voor voedsel is 100 becquerel per kilogram. De met cesium besmette marusoi straalde 254.000 becquerel uit.

Toch is er ook goed nieuws. De besmetting van de zeevis was al sterk afgenomen na het eerste jaar. Vissers uit de regio sturen Greenpeace stalen op voor analyse. "Vissen die gevangen werden in de niet-verboden visserswateren bleven bijna allemaal onder de limiet", aldus Vande Putte. Ook met de riviervis gaat het goed. De vis in de supermarkten is veilig, ook al omdat die nog strengere normen hanteren. In supermarktvis zit maximaal 20 tot 50 becquerel per kg.

2012 AP

Kerncentrales, de toekomst?

Tot slot is er de kwestie van hoe Japan zal omgaan met kernenergie. De vorige regering-Noda had een uitdoofscenario voor ogen en wilde tegen 2030 alle kerncentrales weg. Maar door de regeringswissel kwam een conservatieve ploeg onder leiding van Abe aan de macht en die wil kernenergie een nieuwe kans geven.

Momenteel werken er overigens amper 2 van de ruim 50 reactoren die Japan telt. "De nucleaire waakhond liet vroeger nooit zijn tanden zien", stelt Vande Putte, "maar nu zien we toch een voorzichtige tendens naar wat meer onafhankelijkheid."

Het plaatje is niet zo eenvoudig. Het heropstarten van de kerncentrales gaat veel geld kosten, geld dat zal worden doorgerekend aan de consument. Maar de publieke opinie is verdeeld. Er bestaat nu al een grote onvrede bij de bevolking over de hoge elektriciteitsprijzen.

Los van een regeringsbeslissing pro of contra kernenergie, schat Vande Putte dat "een groot aantal kerncentrales" sowieso niet meer kan worden heropgestart wegens de verhoogde veiligheidseisen.

Voor de ramp in Fukushima waren de kerncentrales goed voor zowat een derde van de Japanse energievoorziening. Japan doet het momenteel met veel meer fossiele brandstof. "Japan heeft een enorm potentieel aan hernieuwbare energie. Maar op het gebied van alternatieve energie zijn kansen gemist", zegt Vande Putte. "En nu er weer sprake is van de terugkeer naar kernenergie, is die "sense of urgency" weg."