Enkele uren later: ook witte rook in China

Enkele uren nadat er witte rook was gekomen uit de schouw van het Vaticaan, werd ook in China een nieuwe sterke man aangesteld. Hoewel al sinds november in de sterren stond geschreven dat het Xi Jinping zou worden, zaten ook de afgevaardigden van het Volkscongres vooraf nog enkele uren samen om "na te denken". Zo staat het tenminste op de internetpagina voor de pers.

Maar veel enthousiasme over de "aanstelling" van de nieuwe president Xi (grote foto) voel ik niet in Peking. Dat er iets aan de hand is, is nochtans voor iedereen duidelijk.

Overal is er verscherpte controle, er loopt extra veel politie rond op straat aangevuld met agenten in burger. En dan is er nog dat typisch Chinese fenomeen van de "volunteer security guard": veelal gepensioneerden met een rode armband om. Voor zo’n 5 euro per dag kuieren ze rond in hun buurt en melden ze alles wat verdacht is. Voor de meesten van hen is het de ideale gelegenheid om een praatje te slaan met hun buren.

Nochtans is er op CCTV, de openbare Chinese omroep bijna rond de klok aandacht voor het Volkscongres. Journalisten gaan live van in de Grote Hal van het volk, ministers geven persconferenties in het perscentrum over hun beleidsplannen voor de volgende vijf jaar. Waar alleen vooraf aangeduide journalisten vooraf doorgegeven vragen mogen stellen. In datzelfde perscentrum heerst dan ook een heerlijke rust. Enkele Chinese journalisten doen een middagdutje in de comfortabele zetels. Ik ontmoet er Gary Wang, journalist voor de Macau Commercial Post. Als journalist van uit Macau heeft hij iets meer vrijheid dan de andere Chinese journalisten. ‘Ik ben vooral geïnteresseerd in wat het ministerie van handel heeft te melden, zegt hij. Hier wordt bekendgemaakt welke richting China de volgende jaren zal uitgaan.’ Hij glimlacht. ‘Maar het klopt natuurlijk dat de meeste afgevaardigden gewoon hun hand opsteken en ‘ja’ stemmen op alles wat vooraf al is beslist.’

Hoge huurprijzen, weinig jobs

Een bezoek aan een hippe koffiebar in het centrum van Peking leert me waar de jonge middenklasse in China van wakker ligt. Op een zondagnamiddag zit het hier stampvol. Veel twintigers wonen nog bij hun ouders.

Zelfs met een goedbetaalde baan is het voor hen moeilijk om hier een flat te kopen, met huur- en vastgoedprijzen die de pan uitswingen. De hoge huizenprijzen en het tekort aan jobs voor pas afgestudeerden zijn voor hen twee pijnpunten die de nieuwe regering moet aanpakken. Maar ze zijn ook bezorgd over de recente voedselschandalen en de toenemende milieuvervuiling. Eén student Engels verwoordt het zo: "De belangrijkste taak voor de nieuwe regering is om te focussen op de burgers. De voorbije jaren is alle aandacht gegaan naar de snelle opbouw van China. Maar nu wordt het hoog tijd dat de regering de levenskwaliteit van elke Chinese burger probeert te verbeteren. Ook die van het arme deel van de bevolking."

Hoeveel energie China’s huidige regering steekt in het controleren van haar eigen burgers, merk ik nog maar eens als ik afspreek met schrijfster en journaliste Dai Qing (kleine foto), één van China’s bekendste en oudste dissidentes. Als kind van revolutionaire helden had ze een "princeling" kunnen zijn, een lid van de zogenaamde Rode Adel, waar ook president Xi Jingping toe behoort. Maar na haar betrokkenheid bij de Tiananmen opstand in Peking in ’89 nam haar leven een andere wending. Ze bracht tien maanden door in de gevangenis en kreeg voor de rest van haar leven spreek- en schrijfverbod. Ook nu nog, zoveel jaren later, leeft ze onder constante politiebewaking, een dertigtal kilometer ten noorden van Peking.

Wanneer ik met haar mail, meldt ze me doodleuk dat de politie haar naar mijn hotel zal brengen. "Ik heb een goede relatie met hen", zegt ze me met een glimlach als ik haar zie. ‘Ze bewaken me al zovele jaren, we kennen mekaar. Als ik hen niet in de problemen breng, dan laten ze me ook gerust’. Dai Qing is een van de honderden intellectuelen, journalisten, professoren en juristen die net voor het Volkscongres een petitie hebben ondertekend waarin ze aan de nieuwe leiders vragen om de Chinese grondwet toe te passen. In die grondwet staat namelijk dat alle burgers in China vrijheid van meningsuiting hebben, een belangrijk mensenrecht. "Zonder mensenrechten zal China nooit een grootmacht kunnen zijn", zegt ze. "We moeten misschien niet het Amerikaanse of Europese bestuursmodel helemaal kopiëren, maar mensenrechten zijn universeel." Na het gesprek wuif ik haar uit. Eén van de politieagenten in de anonieme zwarte wagen steekt aarzelend een hand op.