"Het zou een te mooi cadeau zijn voor de N-VA"

De Franstalige vleugel van het ACW, de Mouvement Ouvrier Chrétien (MOC), is niet van plan om een klacht in te dienen tegen de N-VA. De MOC wou ook niet terugkomen op de commerciële deal met Belfius, maar "was verplicht het ACW te volgen".

De MOC bevindt zich, net als het ACW, in woelige wateren sinds de N-VA de aanval opende op de christelijke arbeidersbeweging. De N-VA viseerde weliswaar vooral de Vlaamse vleugel ACW, maar door de nauwe samenwerking tussen de twee bewegingen en de gelijklopende structuren, liep ook het imago van de MOC averij op.

Enkele dagen geleden liet het ACW weten dat het een klacht indient wegens laster "tegen de personen die sinds 14 februari systematisch het ACW betichten van fiscale fraude, misbruik van vennootschapsgoederen, valsheid in geschrifte en belangenvermenging". De N-VA werd niet bij naam genoemd, maar het mag duidelijk zijn dat de klacht gericht is tegen die partij.

Toch is de MOC niet van plan om, net als het ACW, een klacht in te dienen. "Het zou een te mooi cadeau zijn voor de N-VA", zegt voorzitter Thierry Jacques in Le Soir. "De N-VA zou zich in haar favoriete discours kunnen wentelen: wij, echte verdedigers van Vlaanderen, worden aangevallen door een belgicistische beweging die zich vastklampt aan een België "de papa"."

De MOC wou trouwens niet terugkomen op de commerciële deal met Belfius, zegt Jacques ook. "Maar we waren verplicht om het ACW hierin te volgen."