"Vlaanderen heeft centrale boetedienst nodig"

Vlaanderen heeft nood aan een eenvormig boetebeleid, met een centrale inning. Dat is een van de conclusies van de Vlaamse ombudsman in zijn jaarverslag.
Ombudsman Bart Weekers vindt dat de Vlaamse overheid te veel meldpunten in het leven roept.

"Het boetebeleid van de Vlaamse overheid is op dit moment veel te versnipperd", zegt de Vlaamse ombudsman Bart Weekers. "Elke dienst heeft nu zijn eigen systeem. Zo worden er boetes geïnd bij De Lijn, bij de zorgverzekering, voor de energieprestatie van een woning, enzovoort."

Weekers vindt dat Vlaanderen al zijn boetes door een centraal orgaan moet laten innen. Hij maakt zich sterk dat mensen zich dan ook sneller zullen neerleggen bij een bekeuring. "Ik hoor soms mensen die graag hun boete betalen, eenmaal ik ze heb uitgelegd waarom ze die hebben gekregen."

"Met een eenvormige boetedienst is het makkelijker om een luisterend oor te organiseren. Correcte boetes, maar in één systeem, niet in allerlei verschillende systemen en toepassingen voor de mensen, want daar worden ze horendol van."

De ombudsman trekt ook andere conclusies in zijn jaarrapport. Zo trekt hij van leer tegen de veelheid aan telefoonnummers en websites die moeten worden gebruikt om de overheid te bereiken. Nu bestaan er meldpunten die nauwelijks enkele honderden oproepen per jaar krijgen, maar wel een hoop geld kosten.

Weekers wil alle internetgebruikers helpen via de website Vlaanderen.be en alle telefoontjes laten binnenkomen op het nummer 1700. Hij wordt dan ook niet vrolijk van 1712, het meldpunt voor huiselijk geweld dat vorig jaar werd gelanceerd door minister van Welzijn Jo Vandeurzen.

De ombudsdienst kreeg vorig jaar 50.098 klachten, 6 procent minder dan een jaar eerder.