"We moeten ophouden met deze nonsens"

De voormalige socialistische premier van Portugal José Sócrates heeft zich voor het eerst sinds zijn ontslag in 2011 in het openbaar uitgelaten over de economische crisis in zijn land. Hij verdedigde zich met hand en tand tegen de vele beschuldigingen dat hij het land door wanbeleid in de afgrond duwde. De huidige regering riep hij op de strenge besparingen stop te zetten.

José Sócrates was premier van Portugal toen de financiële en economische crisis losbrak. Begin 2011 stond het land op de rand van de afgrond waardoor hij zich in april van dat jaar genoodzaakt zag de Europese Unie en het IMF om financiële steun te vragen. Twee maanden later verloor hij weinig verrassend de parlementsverkiezingen.

Gisteren heeft hij voor het eerst sinds die verkiezingen in het openbaar gesproken over de economische crisis in zijn land en zijn rol daarin in een interview met de Portugese openbare omroep. Sócrates was formeel: "Ik aanvaard niet alle verantwoordelijkheden die men mij in de schoenen schuift."

Volgens de ex-premier was de internationale financiële steun onvermijdelijk nadat het parlement zijn laatste besparingsprogramma had verworpen. "De afkeuring van dat plan vormde de rechtstreekse aanleiding voor de hulp", stelde hij.

Sócrates was niet zuinig met kritiek op het hulpplan van de huidige regering. Volgens hem houdt die veel te strenge besparingen aan die het land in een recessie hebben gestort en de werkloosheid doen pieken. "We moeten deze nonsens stoppen", zei hij. Bijna 17 procent van de actieve bevolking is werkloos in Portugal, een record.

"Geen kandidaat voor presidentschap"

Het interview veroorzaakte een grote polemiek in Portugal. Zowel voor- als tegenstanders hebben petities opgestart, die laatste voorlopig met het meeste succes.

Sócrates benadrukte evenwel dat hij op dit moment geen enkele politieke ambitie koestert. "Ik ben geen kandidaat voor het presidentschap noch voor enige andere politieke functie. Ik wil me gewoon in het politieke debat mengen en zo een bijdrage leveren aan de verscheidenheid. Dat is de beste garantie op democratie."

Volgende maand zal hij regelmatig op televisie verschijnen als politiek commentator. Toch blijft hij voorlopig in Parijs wonen waar hij zijn studies politieke wetenschappen verder afwerkt.