Dedecker: "Alle vertrouwen in een goede afloop"

Vandaag is de rechtszaak die het ACW aanspant tegen parlementslid Peter Dedecker (N-VA) van start gegaan. Hij staat naar eigen zeggen recht in zijn schoenen. Pas in juni 2014 wordt de zaak bepleit.
Peter Dedecker met zijn advocaat Jan Hofkens in de rechtbank van Brussel.

Vandaag is door de rechtbank van eerste aanleg vastgelegd dat de rechtszaak die het ACW heeft aangespannen tegen parlementslid Peter Dedecker (N-VA) pas begin juni 2014 wordt bepleit. Het ACW wil een schadevergoeding voor laster naar aanleiding van Dedecker zijn beschuldigingen van fraude en schriftvervalsing aan het adres van het ACW.

“Het is de taak van het parlement om zulke feiten naar boven te brengen”, zegt Dedecker op Radio 1. “Ik had nooit verwacht dat ze zo ver zouden gaan. Het ACW blijft duidelijk een van de machtigste organisaties van dit land met een procedurepleiter als Hans Rieder, maar ik heb er alle vertrouwen in.”

"Dedecker kan zeker geen laster worden verweten", bevestigt zijn advocaat Jan Hofkens in "De ochtend". "Hij heeft niet kwaadwillig de eer van bepaalde personen gekrenkt." Hofkens benadrukt dat het parlementslid niet over een nacht ijs is gegaan. "Hij is zeer zorgvuldig met de feiten omgegaan en heeft als parlementslid gemeend om die feiten aan de kaak te moeten stellen."

ACW-advocaat Hans Rieder is het daar niet mee eens. Toen het nieuws van de dagvaarding bekend werd, zei hij dat “mijnheer Dedecker een klacht kan neerleggen bij de procureur des konings of bij de onderzoeksrechter, maar wat hij niet mag, is een show organiseren waarbij hij de feiten voorstelt alsof ze bewezen zijn zodat het publiek een verkeerde indruk krijgt".