Mijn leven de voorbije 40 dagen: vlees noch vis

40 dagen zonder vlees of vis. Die uitdaging ging ik op 13 februari met knikkende knieën aan. Omringd door verbeten vleeseters waagde ik me immers aan een bitter moeilijke strijd. Een gevecht dat bij voorbaat verloren leek, maar dat ik uiteindelijk toch heb gewonnen, zij het niet helemaal en niet erg glorievol.

Veel rauwkost heb ik de voorbije 40 dagen zien passeren. Want kinderen die vooral vlees eten en afknappen op warme groenten, die schotel je dan maar konijnenvoer voor. En eieren. Onmenselijk grote ladingen (hardgekookte) eieren hebben we verorberd. Ze zelf pellen vonden mijn kinderen alvast telkens een feest, dat ze daarna het eigeel eruit peuterden en dat erg gehavend op mijn bord kieperden, vond ikzelf minder feestelijk.

Tientallen broodjes "smos" hebben we gemaakt met de rauwkost en eieren. Zoonlief had het er in het begin wat moeilijk mee dat er vanalles uit zijn broodje viel, maar nadat ik het concept van een smos verduidelijkt had - "daar moet je mee smossen", wijdde hij zich hartstochtelijk aan die leuke opdracht.

Ook verloren brood, tomaat-mozzarella en bruschetta waren toppers. Waardoor 's middags uiteindelijk maar enkele keren de vraag is gesteld of er geen vlees was om tussen de boterhammen te doen. Vooral de dochter bleek het hardnekkigst op dat gebied en vroeg me de eerste dag van onze uitdaging al om preparé, “want dat is toch geen vlees he?”.

Manlief had het vegetarische plan ook niet meteen helemaal begrepen, want die kwam op dag 1 thuis met de trotse mededeling dat hij 's middags een broodje met gerookte zalm achter zijn kiezen had gestoken.

Zijn zwanworsten wel vlees?

Hoe moeilijk was het om van vlees af te blijven? Helemaal niet moeilijk. In mijn geval dan toch. Ik bleek immers vooral vis te missen. Dat besefte ik toen ik kwijlend langs het viskraam liep en de slager me compleet koud bleek te laten.

Al moet ik bekennen dat ik op de 40 dagen tijd af en toe wel vals heb gespeeld. Zoals die ene keer op restaurant, toen de kaart maar 1 vegetarisch gerecht bevatte dat me helemaal niet kon bekoren. En die drie dagen in Portugal, toen er ook daar een duidelijk gebrek bleek aan veggie-alternatieven. Vis heb ik toen gegeten, want om een of andere reden voel ik me dan minder schuldig.

En ja, deze week liep het ook nog mis, toen ik enkel toegang had tot hotdogs en dan maar overstag ben gegaan. Al kunnen we er uiteraard over discussiëren of een zwanworst eigenlijk wel vlees kan worden genoemd!?

De kinderen, die had ik minder onder controle. Die eten immers wel eens bij de grootouders of in de opvang en speelden daar stiekem allerlei soorten vlees naar binnen. Op dag drie waren ze daar nog heel open over en nodigden ze zichzelf spontaan uit bij mijn schoonmoeder, toen die aankondigde dat ze "balletjes in tomatensaus" ging maken. Weg waren ze en ik stond daar met mijn veggieschotel.

En toch! Die ene kip van het kippenkraam, die ik na twee weken ter beloning liet aanrukken, heb ik twee dagen later bijna onaangeroerd kunnen weggooien. Plots bleek dat dierlijke kleinood toch niet zo onmisbaar. De lading worstjes die ik na vier weken tevoorschijn toverde - wegens geen veggie-inspiratie noch tijd - werd dan weer in sneltempo naar binnengewerkt. "Jog* vlees", riep de kleinste onophoudelijk en aandoenlijk enthousiast (*nog).

Vleesvervangers: vaak teleurstellend

Vleesvervangers à la quorn, tofoe, seitan, falafel...We hebben ze allemaal uitgeprobeerd. En maar 1 keer heb ik mijn gezin echt kunnen bedotten. Slechts enkele keren werd er gretig toegetast. Meer dan eens werden we teleurgesteld. Smaakloos en een vreemde textuur. Geen feest in de mond.

Vleesvervangend gehakt was nog best te pruimen, mits in kleine doses. Mijn vleesloze lasagne werd zelfs op meer gejuich onthaald dan de traditionele versie. Door de echtgenoot dan, de enige die zich echt tot waar proefpersoon en zelfs heuse fan ontpopte van de warme vegetarische maaltijden.

Mijn pitta met vleesvervanger was dan weer een algehele flop. En de veggie-gyros bleek bijna wanstaltig. Conclusie: vervangvlees is vaak geen (lekkere) optie als je vegetarisch door het leven wil gaan en ooit van "the real thing"  hebt geproefd. Ja, sommige dingen zijn nog wel ok, maar het merendeel van die vleesvervangers kunnen gewoon niet tippen aan echt vlees. Punt uit!

"We doen toch gewoon voort?" tot "Hoera, gedaan"

418m² heb ik bespaard op mijn ecologische voetafdruk de afgelopen 40 dagen. Maal 2, aangezien mijn echtgenoot ongeveer eenzelfde aantal dagen vlees- en visloos door het leven ging. Met de kinderen erbij komen we dan toch mooi ruim boven de 1000m² uit. En dat kostte al bij al niet zo heel veel moeite. Het leverde me zelfs enkele pareltjes van recepten op die me anders volledig onbekend waren gebleven.

En de toekomst? Voortaan zal ons menu gevarieerder zijn en vaker vleesloos. Die ingebakken gewoonte dat er overal een stukje vlees bij moet, is immers een slechte gewoonte. Soms is zonder zelfs beter.

Maar, we kunnen er toch echt niet omheen dat mét soms ook beter is. Een meloen krijgt toch een extra dimensie met wat parmaham erbij? Frietjes zijn gewoon lekker met stoofvlees erbij. En, geloof me, kip met rijst en curry is echt wel smakelijker met een daadwerkelijke kip, dan met de falafel die ik er deze week bij serveerde.

Ja, je zal me voortaan dus weer in de slager vinden. Zij het veel minder vaak dan vroeger. De meest rabiate vleeseter in ons gezin - de echtgenoot - is immers intussen de grootste promotor geworden van vleesloze maaltijden. "Hoe, we doen toch gewoon voort", was zijn spontane reactie op mijn mededeling dat het er bijna opzit.

Bij de kinderen was er dan weer vooral opluchting en kwamen de eerste vlees-bestellingen al snel binnengelopen. Het wordt bij ons dus een Pasen mét vlees en zonder eieren. Maar eerst heb ik iets goed te maken met mijn slager!