"Verbaast me wel dat het om heel jonge jongens gaat"

Hicham El Mzairh, districtraadslid voor SP.A in Wilrijk en voormalig raadgever diversiteit in Antwerpen, is niet verbaasd dat er zoveel Belgische jongeren gaan strijden in Syrië. "Het verbaast me wel dat het om heel jonge jongens gaat en dat is zorgwekkend", zegt hij in "De ochtend" op Radio 1. Volgens hem had men wel al meteen na de aanslagen van 9/11 moeten ingrijpen.
BELGA/VAN ASSCHE

El Mzairh (foto) reageert op het artikel in Knack waarin staat dat er al minstens 12 Belgische jongeren om het leven zouden gekomen zijn in Syrië.

"Om eerlijk te zijn, het verbaast me niet echt dat er zoveel jongeren gaan strijden in Syrië", zegt hij. "Vorig jaar was er al een imam uit Saoedi-Arabië die in Borgerhout en in Brussel een oproep gelanceerd heeft om te gaan vechten in Syrië en er zijn ook oproepen via satellietzenders. Wat me wel verbaast, is dat het ook heel jonge jongens zijn en dat is zorgwekkend ", zegt hij.

"In Syrië is er geen sprake meer van een Arabische Lente. Het is geëscaleerd naar een oorlog tussen sjiieten en soennieten en dat maakt het voor de salafisten makkelijker om eindelijk die jihad te rechtvaardigen. Ook vanuit Marokko vertrekken er heel veel mannen. Er zijn artikels verschenen met hallucinante cijfers."

"Sinds de aanslagen van 11 september had men al een anti-radicaliseringsbeleid moeten voeren in samenwerking met de moslimgemeenschap", vindt El Mzairh.

"Aan radicalisering via internet is weinig te doen"

André Vandoren (foto in tekst), directeur van het OCAD, het Orgaan voor de Coördinatie en de Analyse van de Dreiging, benadrukt dat "we heel voorzichtig moeten zijn met het hanteren van cijfers".

"De jongeren vertrekken naar Turkije, daarvoor is geen paspoort of visum nodig. Nadien horen de ouders dan via de gsm dat hun kinderen in Syrië zijn."

"Er lopen nu al veel initiatieven om in te grijpen", zegt Vandoren. "Het probleem is dat men het recht heeft om vrij extreme ideeën te hebben zolang dit geen gevolgen heeft voor de democratische samenleving. Maar radicalisering via het internet en via satellietzenders, daar is zeer weinig tegen te doen. Zelfs voor de Syrië-problematiek waren we ons daarvan bewust, maar het is niet altijd eenvoudig om daar iets aan te doen."