Thatcherisme gewikt en gewogen - Paul De Grauwe

De reactie op het overlijden van Margaret Thatcher heeft heel wat emoties losgeweekt. Door sommigen in de hemel geprezen, door vele anderen verguisd. Ofwel is ze een moedige en radicale hervormer geweest die het Verenigd Koninkrijk uit het economisch moeras van de jaren zeventig heeft gehaald. Ofwel heeft ze niets goeds gedaan, erger heeft ze alleen onheil gebracht voor de meeste Britten. Wat mij opvalt is dat de reacties in België eerder negatief dan positief zijn geweest. Vooral de linkerzijde van het politieke spectrum kon niets positiefs vinden in de nalatenschap van Thatcher.
opinie
Opinie
Aansturen van de 'opinie' teaser o.a. op de home pagina en 'opinie' weergave op een detail artikel. Deze tag zorgt er ook voor het automatisch aanvullen van de 'opinie' overzichtspagina

Paradox

Er is hier wel een paradox. De meeste hervormingen die Thatcher heeft doorgevoerd (privatiseringen, liberalisering van de arbeidsmarken, belastingverlagingen; hierover later meer) zijn tot nu toe overeind gebleven. Als die hervormingen zo rampzalig slecht waren voor het Verenigd Koninkrijk hoe komt het dan dat de opeenvolgende Labour regeringen die twaalf jaar aan de macht zijn gebleven die hervormingen niet hebben teruggedraaid? Ze hadden er de tijd voor. En als die Thatcheriaanse hervormingen zo slecht waren voor het grote deel van het Britse publiek dan hadden Tony Blair en later Gordon Brown wel een ruime populaire steun moeten vinden om die hervormingen terug te schroeven. Ze hebben het niet gedaan.

Het is al te gemakkelijk om zich van deze paradox te bevrijden door te stellen dat Blair en Brown verraders zijn. Een veel betere verklaring van de paradox is dat een aantal hervormingen van Thatcher een positieve uitwerking hebben gehad voor het Verenigd Koninkrijk en dat het daarom is dat de Labour regeringen die hervormingen niet konden terugdraaien.

Privatisering

Laat mij een aantal van die hervormingen toelichten en proberen een evenwichtige balans van het economische beleid van Thatcher op te stellen.

De privatiseringen. Tot in de jaren zeventig waren grote delen van de Britse economie in de handen van de overheid. De staalsector, de energiesector, telecommunicatie, transport waren genationaliseerd. Het was duidelijk voor iedereen dat de overheid geen goede bedrijfsleider is. Politisering en bureaucratisering in de genationaliseerde sectoren leidden er tot monsterhoge verliezen die door de belastingbetaler moesten gedragen worden. Privatisering was een middel (en is dat nog altijd) om grotere efficiëntie (en dus minder lasten voor de belastingbetaler) te realiseren. Bovendien zorgde privatisering er ook voor dat de overheid de handen vrij had om haar belangrijke taken waaronder de vrijwaring van het milieu beter uit te oefenen. Een overheid die tegelijk producent is van staal en de emissie van schadelijke stoffen door de staalsector aan banden moet leggen, komt in een moeilijke positie van belangenconflict terecht. De eindbalans van de privatiseringen is dus positief. Ze hebben voor een betere dienstverlening gezorgd en de rekening voor de belastingbetaler verlicht. Weinigen, ook de Labour partij, willen opnieuw grote delen van de economische sectoren nationaliseren. Dat is een verworvenheid die vooral door Thatcher is mogelijk gemaakt en in de rest van Europa, ook dankzij haar, een verworvenheid is geworden.

Sluiten van fabrieken

Thatcher wordt verweten de oorzaak te zijn van de-industrialisatie van Engeland. Maar die de-industrialisatie heeft zich haast overal in Europa voltrokken. Thatcher heeft vroeger dan elders in Europa (o.a. in België) begrepen dat er geen toekomst was voor de steenkoolindustrie en de staalproductie. Ze heeft die sectoren eerder gesloten dan in de rest van Europa. Maar dat is daar ook onvermijdelijk gebeurd.

Vrije arbeidsmarkt

De liberalisering van de arbeidsmarkten. Voor de komst van Thatcher hadden de Britse vakbonden een al te grote greep op de Britse economie verworven. Tewerkstellingscreatie werd belemmerd door closed-shop praktijken. Stakingen legden de economie regelmatig plat. Hier moest verandering in komen. Thatcher koos voor een verregaande graad van liberalisering van de arbeidsmarkten. De effecten van deze hervormingen lieten niet lang op zich wachten. De werkloosheid daalde spectaculair gedurende de jaren tachtig. Vandaag is het nog altijd zo dat de werkloosheid in het Verenigd Koninkrijk relatief laag is ondanks de recessie.

Vrije banken

Hiermee wil ik niet stellen dat al die hervormingen goed waren. De privatisering van de spoorwegen bijvoorbeeld kan moeilijk een succes genoemd worden. Niet alle dereguleringen die door Thatcher werden doorgevoerd hebben heilzame effecten gehad.

De deregulering van de financiële markten en van de banken heeft na een eerste ogenschijnlijk succes gedurende de financiële boom van de periode 1985 tot 2007, uiteindelijk desastreuze gevolgen gehad. Geïnspireerd door de theorie dat financiële markten efficiënt zijn en zelfregulerende eigenschappen vertonen, werden grote delen van die markten volledig bevrijd van overheidscontrole, niet alleen in het Verenigd Koninkrijk maar zowat overal in de Westerse landen.

Het gevolg kennen we: ongebreidelde zoektocht naar risicovolle projecten gefinancierd door schuld. Na de crash moest de overheid het puin ruimen en grote delen van de private schuld op zich nemen. Die last zal nog decennia op de schouders van de overheid en de belastingbetalers rusten.

Ongelijkheid

Thatcher wordt verweten aan de basis te liggen van de toename van de inkomensongelijkheid in het Verenigd Koninkrijk. Voor een deel zal dat wel waar zijn. Ze zorgde ervoor dat de heel hoge belastingtarieven op het inkomen (soms tot 90%) werden teruggebracht tot minder dan 50%. Maar de stijging van de inkomensongelijkheid heeft nog andere oorzaken. O.a. globalisering zorgt ervoor dat de inkomens van de ongeschoolde arbeiders onder druk komen te staan ten voordele van diegenen die veel vaardigheden hebben. Dit fenomeen observeren we overal en zorgt ervoor dat de inkomensongelijkheid overal in Europa stijgt. De stijgende inkomensongelijkheid in het Verenigd Koninkrijk kan dus niet zomaar op het conto van Thatcher geschreven worden.

Een kater van belang

De balans van het economische beleid van Thatcher is dus gemengd. Ze heeft zeker gezorgd voor een nieuwe dynamiek van de Britse economie, die ook positieve gevolgen heeft gehad op de werkgelegenheid. Maar ze heeft ook door een aantal ondoordachte dereguleringen, vooral in de financiële sector, een kater van belang achtergelaten waar de Britse bevolking niet zo snel van verlost zal zijn.

 

(De auteur is hoogleraar aan de London School of Economics and Political Science en gewoon hoogleraar emeritus aan de Katholieke Universiteit Leuven.)

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst. Wilt u graag zelf een opiniestuk publiceren, contacteer dan VRT NWS via moderator@vrt.be.