"Onderwijs en moskeeën inzetten tegen jihadi's"

De burgemeesters van Antwerpen, Mechelen en Vilvoorde hebben overlegd over de radicalisering van moslimjongeren in ons land en over de rekrutering van vrijwilligers voor de oorlog in Syrië. Intussen overlegt het ministerie van Buitenlandse Zaken met de landen waar de Belgische jongeren doorheen reizen op weg naar Syrië.

De Antwerpse burgemeester Bart De Wever (N-VA) en zijn Mechelse en Vilvoordse collega's Bart Somers (Open VLD) en Hans Bonte (SP.A) hebben vanavond de koppen bij elkaar gestoken met hun politiechefs en experten, zelfs uit Nederland.

Na afloop hadden ze geen echt pakket maatregelen klaar, maar wel zijn ze het eens om te werken rond onderwijs, de moskeeën en sociaal-, jeugd-, en straathoekoverleg om de beïnvloeding van moslimjongeren tegen te gaan.

De Wever riep op om ter zake "alle simplismen overboord te gooien" en te erkennen dat radicalisering niet noodzakelijk wortelt in sociale ongelijkheid en kansarmoede, maar ook aanwezig is bij de elite en bij bekeerlingen.

Dat zag Hans Bonte uit Vilvoorde dan weer anders. Hij blijft geloven dat sociale achteruitstelling en gebrek aan werk een voedingsbodem vormen voor extremisme.  

Wel zijn volgens Bart Somers de drie burgemeesters het er over eens dat de lokale besturen bij uitstek de spil zijn om radicalisering aan te pakken en te voorkomen.

Het initiatief kreeg de steun van minister van Binnenlandse Zaken Joëlle Milquet (CDH). Volgens Mohammed Chakkar van de Federatie van Marokkaanse Verenigingen gebeurt de radicalisering echter als bij een sekte. Hij wil daarom dat de aanpak aan dit uitgangspunt wordt aangepast. "We moeten tegen de groeperingen optreden als tegen een sekte, volgens dezelfde wettelijke bepalingen. De reden mag niet zijn omdat het om Marokkanen of Turken gaat."

Informatie uitwisselen

In Syrië zouden ook 2 jongeren uit het Limburgse Maaseik vechten. Daarom zou burgemeester Jan Creemers (CD&V) eveneens aan het burgemeestersoverleg willen deelnemen. "Ik heb geen uitnodiging ontvangen", zegt hij. "Toch denk ik dat een mensenleven in een klein dorpje even waardevol is als een uit een grootstad."

Intussen overlegt het ministerie van Buitenlandse Zaken met de landen waar de Belgische jongeren doorheen reizen op weg naar Syrië. De bedoeling is in eerste instantie om informatie uit te wisselen.